Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te land. Het sluiten der toegangen heeft daarom Denemarken tot dusver beveiligd en zijn kans vermeerderd tot het einde buiten den oorlog te blijven. Als het hierin een politiek heeft gevolgd, die volgens Admiraal Schiller's vroeger aangehaalde woorden, rekening hield met de naastbijliggende groote mogendheid, dan heeft het in ieder geval zich zelf het best gediend. Alleen dan zal Duitschland een gevaa«r voor Denemarken zijn, als Denemarken een gevaar voor Duitschland is. Zoolang Denemarken's politiek er op gericht is de vriendschappelijke verhouding tot Duitschland te bewaren, kan Duitschland ten opzichte van Denemarken niets beters wenschen dan dat het vrij en sterk blijft i).

Het resultaat is dus, dat de vriendschappelijke verhouding van Rusland tot Denemarken aan Rusland den handel door de Sonten niet verschaft heeft, en dat het voor Duitschland niet noodig is geweest Denemarken aan te vallen om Russischen handel te beletten.

Houdt echter Denemarken op van zoo groote waarde voor Rusland te zijn, dan houdt Rusland op een bescherming voor Denemarken te zijn. En kan Duitschland zekerheid ten opzichte van Denemarken krijgen zonder dit land aan te tasten, dan houdt omgekeerd Duitschland op een gevaar voor Denemarken te zijn. Het blijkt dus, dat een vriendschappelijke verhouding met Duitschland meer waard is voor Denemarken dan zulk een verhouding met Rusland. Voorts kan Denemarken moeilijk Zweden er van overtuigen, dat Rusland een minder gevaarlijke buurman is dan Duitschland. Indien nu Zweden is aangewezen op een vriendschappelijke aansluiting bij Duitschland, dan zou een vriendschappelijke verhouding van Denemarken tot Rusland noodzakelijk leiden tot een gespannen verhouding met Zweden. Juist dit is het voortdurend streven van Rusland geweest, gelijk vroeger in het hoofdstuk „verbonden der noordelijke landen" werd aangetoond. Denemarken zal dus in werkelijkheid te kiezen hebben tusschen aansluiting bij de politiek van Zweden-Duitschland, of aansluiting bij die van Rusland. Maar, als er de minste twijfel zou bestaan aan zijn keuze, dan zouden Zweden-Duitschland verplicht zijn één lijn te trekken ten opzichte van Denemarken. Hierbij zal Denemarken dan niet alleen na te denken hebben over zijn positie naar beide kanten, maar ook over zijn ervaringen van vroegere eeuwen. De vloek van het noorden was de dwaze verbrokkeling, aangestookt en gesteund van uit het oosten en van uit het westen. Waarop een herhaling daarvan voor Denemarken zou uitloopen, daarover kan men moeilijk in twijfel zijn ondanks alle hoogachting voor het dappere Deensche volk. Men herinnere zich, dat het lot of God of wien men overigens daarvoor verantwoordelijk wil maken, Zweden en Duitschland zoo dicht in de nabijheid van Denemarken heeft gelegd, dat dit meer nadeel zou hebben van die twee staten als vijanden, dan voordeel van Rusland als vriend. Nadat Rusland is verkleind met Congres-Polen en met groote gedeelten van de Oostzeeprovinciën, die de centrale mogendheden wel niet meer onder de

1) Een degelijke uiteenzetting hiervan in Knud Barfod „Danmark og Verdenskrigen". Kopenhagen 1916, bladz. 37.

Sluiten