Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voerende moet het zich laten welgevallen, dat de strijdmiddelen, die hij tegen zijn vijanden.aanwendt, ook tegen hem gericht worden. Hij, die begint met deze wederrechtelijke aanvalsmiddelen aan te wenden, is in het ongelijk.

Het oude recht van vergelding heerscht in alle omstandigheden, waar de menschen geen autoriteit hebben ingesteld. Het geldt dus tusschen de staten en draagt hier den naam van „wet der represailles". De represailles zijn rechtsmiddelen niet alleen daar, waar nood aanwezig is, maar overal, waar een rechtsovertreding is geschied. En dit is ook noodzakelijk. Hij, die zijn recht opgeeft, mag er niet op rekenen, dat anderen tegenover hem zullen eerbiedigen, wat hijzelf niet van plan is te eerbiedigen.

Natuurlijk kan het recht van noodweer niet alleen in den vorm van aanvallen toegepast worden. Als iemand zijn naaste met een zijden koord tracht te wurgen, kan hij niet verontwaardigd zijn, dat hijzelf maar aan een henneptouw wordt opgehangen.

Het recht tot noodweer heeft de aangevallene in ieder geval tegenover ieder, die den aanvaller bij den aanval behulpzaam is geweest. Ieder, die helpt, is niet onzijdig, zelfs al heeft hij geen oorlogsverklaring gezonden. Vgl. de vroegere uiteenzettingen over België.

De beroemde nota van 25 Juli 1793 van graaf Bernstorff aan Engeland zegt: „Er is geen verontschuldiging voor den onzijdige, die zijn rechten opgeeft ten gunste van een der oorlogvoerenden. Onzijdigheid bestaat niet, akvzij niet volkomen is," en president Jefferson zegt in zijn nota: „Als wij toestaan, dat er graan aan Engeland en zijn vrienden wordt gezonden, dan moeten wij ook toestaan, dat het naar Frankrijk wordt gezonden. Verhinderen wij dit, dan zouden wij partij kiezen, en in oorlog met Frankrijk kunnen komen. Het is hetzelfde, of wij zelf dien aanvoer verhinderen, of dat wij de vijanden van Frankrijk dien aanvoer laten belemmeren. Als wij ophouden voedingsmiddelen naar Frankrijk te zenden, moeten wij ook ophouden voedingsmiddelen aan de vijanden van Frankrijk te zenden. Engeland heeft niet het recht ons als middel voor zijn doel, Frankrijk uit te hongeren, te gebruiSen." De tegenwoordige president der Vereenigde Staten heeft zich in 1913 op dit rechtsbeginsel beroepen om Duitschland te bewegen niet de eene partij in Mexico, waarvoor Wilson niet gunstig gestemd was, te helpefr door zendingen, omdat Duitschland aan de andere partij niets zenden kon. Duitschland heeft aan deze uitnoodiging voldaan. Dit rechtsbeginsel is dus nog in den jongsten tijd door de Vereenigde Staten erkend.

-In de Haagsche conventie No. 13 over de rechten en plichten der onzijdigen wordt in de inleiding gezegd, dat het voorde neutralen een erkende plicht is de aangenomen regelen tegenover beide partijen op dezelfde wijze toe te passen. Het is namelijk vrijwel onverschillig, wat de menschen zeggen, maar buitengewoon belangrijk, hoe zij handelen. Het is bijna onnoodig te zeggen, tot welke resultaten men door de bovengenoemde feiten komt. Het wordt algemeen beweerd, dat het volkenrecht dood is, en het volgende oogenblik is men verontwaardigd ovër

Sluiten