Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Engeland dit recht geschonden; het verklaarde het water tusschen Amerika en de onzijdige wateren tot oorlogszone. De onzijdigen protesteerden (Noorwegen den 5den November 1914) tegen deze schending van het volkenrecht, maar zij hebben zich er toch in geschikt. Duitschland verklaarde, den 4denNovember 1915 den duikbootoorlog, waartoe het uithongeringsplan van Engeland hem dwong, te zullen beginnen, om daardoor den aanvoer naar Engeland te verhinderen, en wel op dezelfde wijze als Engeland den aanvoer naar Duitschland had verhinderd. De Vereenigde Staten stelden den 22sten Februari 1915 voor, de afsluiting der Noordzee op te heffen en met den duikbootoorlog niet te beginnen.

Duitschland verklaarde zich den 28sten Februari 1915 bereid dit voorstel aan te nemen.

Engeland wees dit af en verscherpte den uithongeringsoorlog. Amerika behield zich voor, ammunitie aan de Entente te zenden en bezorgde het transport met Engelsche passagiersschepen. In 1916 vervoerde Amerika voor ongeveer vier milliard (Scandinavische) kronen alleen aan wapens en ammunitie aan de Entente. Engeland gaf aan zijn handels- en passagiersschepen in het geheim instructies, Duitsche duikbooten zonder voorafgaande waarschuwing aan te vallen en ze door hun zoogenaamd vreedzaam karakter te misleiden (vonnis van Kapitein Fryatt).

De middenstaten hebben herhaaldelijk voorstellen gedaan tot het openen van vredesonderhandelingen, laatstelijk den 12den December 1916. De Entente heeft die afgewezen en heeft verklaard, dat zij de staten der centrale mogendheden wil verdeelen en zich groote gedeelten daarvan toeëigenen (31 December 1916 en 11 Januari 1917). Duitschland verklaarde toen, den onbeperkten duikbootoorlog in een bepaalde oorlogszone tusschen de landen der Entente, maar niet tusschen die der onzijdigen, te zullen voeren, te beginnen met 1 Februari 1917.

Noorwegen protesteerde met woorden tegen de door Engeland bepaalde oorlogszone, nam er echter met de daad genoegen mede.

Noorwegen protesteerde tegen de Duitsche represailles, die in de door Duitschland afgekondigde oorlogszone bestonden, zoowel met woorden als met daden. Duitschland bood aan, Noorwegen het eenige, wat het uit Engeland noodig had, te verstrekken, n.1. steenkolen.

Noorwegen wees dit van de hand en bezigde zijn vloot tot oorlogsvaarten tusschen de landen der Entente tegen hooge oorlogsvrachten.

Duitschland bracht deze aanvallers tot zinken op grond van zijn represaillerecht.

De Noorsche openbare meening verheft luide haar stem. Een dagblad („Tidens Tegn") schrijft meermalen artikelen, waarover de Ententepers zich zou schamen. In het onzijdige Noorwegen zijn zij beneden alle kritiek. Andere dagbladen dragen het hunne bij.

De Noorsche regeering kan haar zeemansstand beschermen, zoodra zij de aanvallen van haar koopvaardijvloot op de middenstaten verhindert, en zoodra de vloot zich niet naar het verbod van de Entente richt wat betreft den aanvoer aan de centrale mogendheden. Een partijdige onzijdigheid is geen onzijdigheid, maar een vijandelijke aanval.

Sluiten