Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE TEGENWOORDIGE STAND VAN DEN SCHOOLSTRIJD.

Het tijdperk, dat wij thans doormaken, is een, waarin, officieel althans, de politieke strijd over de opvoeding der jeugd in ons vaderland is gestaakt en partijen de onderhandelingen over den vrede zijn begonnen.

Wanneer men de jongste Kamerverslagen leest, rijst wel eens twijfel, of de ernstige begeerte om een eervollen vrede te sluiten bij alle onderhandelaars steeds bestaat; evenwel, we leven in het stadium der onderhandelingen. De gedachte, dat het uit moet zijn met de ons volk verdeelende worsteling om de lagere school, is èn bij ons èn bij onze tegenpartij ingeslagen. In tijdschrift- en dagbladartikelen is herhaaldelijk voelbaar de voorstelling, dat nu de tijd aanbreekt, waarin wij en zij gezamenlijk zullen overleggen, hoe het onderwijs — niet de staats- of de ibtzondere school, maar het „onderwijs" — het best gediend wordt.

Zulk een gesteldheid der geesten heeft een gevaarlijke zijde, .n.1. de neiging om concessies te doen. Het liberale lid der Bevredigingscommissie, Mr. M. Tydeman Jr. (intussohen overleden) doet in afzonderlijke nota blijken, dat zijn politieke medestanders in hun tegemoetkoming te ver gaan. Het is van belang na te gaan, of wij over ons zelf niet soortgelijk oordeel moeten vellen. Hoever de voorstanders van de staatsschool willen gaan, blijve voor hun rekening, wij hebben te overwegen, of de voorwaarden tot den vrede voldoen aan de eisohen, die ons principieel uitgangspunt en de dankbaarheid aan God den Heere, die ons tot zoover bracht, ons' opleggen.

In de geschiedenis van den schoolstrijd liggen meerdere draden dooreengeweven, die pas later meer gescheiden

Sluiten