Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gaan we na welke die verlangens rijn. Wij bedoelen niet groepseischen, die steunen op een of andere godsdienstige of oeconomische wereldbeschouwing, maar zullen trachten te benaderen welke algemeen-menschelijke idealen thans moeten voorzitten, welke verlangens gedeeltelijk bewust, gedeeltelijk onbewust leven in de hoofden en harten van hen, die over de beteekenis van het onderwijs wel eens hebben nagedacht.

Eerst zullen we, voor zoover het gaat, de plaats moeten bepalen, die het onderwijs heeft in te nemen in 't sociale leven. Als men 'l niet volkomen met de volgende opvatting eens is, doet dat weinig toe of af aan de waarde der straks te trekken conclusie: men zal daar dan naar eigen smaak allicht nog eenig kruid aan kunnen toevoegen.

Het onderwijs dan is een deel der opvoeding en wel het systematisch door daartoe gekozen leiders voorbereiden van den mensch tot het deelnemen aan het oeconomisch gemeenschapsleven. Meer is het in zijn wezen niet en met name moet men zich niet diets maken, dat het onderwijs in moreelen of in godsdienstigen zin richting geeft. Niemand wordt goed of godvruchtig of moreel hoogstaand door rijn genoten onderwijs, al zal de mensch, die zijn onderwijzer is, daaraan veel toe of af kunnen doen. Op zich zelf beschouwd is dus het onderwijs of onderricht materialistisch; maar dit behoeft niet zoo verschrikkelijk te worden gevonden, immers zal het onderricht zich als onderdeel der opvoeding in de eerste plaats hebben te stemmen op de daar voorzittende idealen: de opvoeding geeft inhoud en richting aan hem, die straks het levenslied zal spelen, het onderricht verschaft hem de technische vaardigheid. Zoo zal dus het onderwijs aan den eenen kant zich voor oogen moeten stellen wat het oeconomisch leven van den mensch vraagt en aan den anderen kant rekening moeten hóuden met de opvattingen op 't gebied der opvoeding, die vrijwel algemeen aanvaard kunnen heeten.

Bestaan er op dat gebied tegenwoordig dan opvattingen, waarmee onze onderwijs-organisatie niet in harmonie is? Zoo dit het geval is — en we zullen dat dadelijk aantoonen — is het een eerste eisch, die harmonie tot stand te brengen. Dit toch is van 't aller-

Sluiten