Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK II.

De strijd van den enkeling om het arbeidsinkomen.

1

DE STRIJD TEGEN DE ARMOEDE ZONDER VERANDERING VAN WOONPLAATS.

In tijden van depressie stijgen plotseling groote groepen van personen zonder inkomen naar de oppervlakte van het maatschappelijk bestaan. Ze dringen zich op aan de algemeene aandacht om bij gunstiger conjunctuur wederom in de menigte te verzinken, in vergetelheid te geraken. Vloeit deze massa naar talrijke, verbrokkelde armbesturen, dan wordt dit massa-verschijnsel door deze versnippering verzwakt, misschien zelfs vernietigd, immers iedere ondersteuningsvereeniging krijgt slechts een klein of allerkleinst gedeelte onder hare hoede, zonder voeling niet-, zonder betrekking tot de overige resultaten. Kan ze zich tot een centraal lichaam wenden, hetzij voor ééns, hetzij, bij een blijvenden toestand, tot een permanent orgaan, of is op andere wijze een massawaarneming mogelijk, dan is een meer gunstige voorwaarde tot ontleding van het probleem ontstaan.

Het opsporen van eene werkgelegenheid door het gebruik maken van een arbeidsbeurs of door het persoonlijk werk zoeken, het kampen om een arbeidsloon tot eiken prijs zonder plaatsverandering: door het gebruik maken van eene werkverschaffing, ie strijd om een beter bestaan door middel van plaatsverandering: Joor landverhuizing, vormen alle even zoovele belangrijke factoren in verband met het armenvraagstuk, waarmede rekening gehouden moet worden en welke nauwkeurig onderzoek vereischen. Langzamerhand hebben zich eenige middelpunten van waarneming door het ongestadig karakter van het ^economische leven zelf ontwikkeld en vormen een aanknoopingspunt ter afbakening van het vraagstuk van den werkman sonder inkomen.

Zulk een centrum biedt ten eerste de georganiseerde arbeidsbemiddeling.

Sluiten