Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarde voor de verdere ontwildceling van het vraagstuk. Voor de eerste maal sedert langen tijd wordt eene ingrijpende poging gedaan om eene schifting, d. w. z. eene betere kennis der strafbare elementen en eene juistere behandeling der delinquenten te bereiken. Voor de eerste maal, ook sedert lange jaren, wordt getracht aan het doellooze opbergingssysteem te ontkomen en de zwervers eerst aan de arbeidsproef te onderwerpen, hen daarna in de vrije maatschappij zelf weder tot een normaal werkleven te brengen, alvorens eene opzending naar Veenhuizen geschiedt.

Een nadeel is aan zulk systeem steeds verbonden, ten eerste, dat ondanks onderlinge Waarschuwingsdienst eene verhuizing van de eene stad naar de andere zal plaats vinden, dat de steden, waar de noodige inrichtingen ontbreken met de meeste bezoeken vereerd zullen worden, ten tweede echter, dat de verplegingsinrichtingen, die dus een steeds beter gehalte zullen gaan herbergen, daarnaast echter zuilen veroorzaken, dat de afgeschrikte daklooze zwerver steeds onnaspeurlijker wegen zal gaan zoeken, om zich te bergen voor de politie. Het kwaad zal zich waarschijnr lijk gaan verschuiven.

Permanente verblijven zijn die plaatselijke inrichtingen niet. Het zijn stadsinrichtingen met werkverschaffing in werkplaatsen voor tijdelijk gebruik; de landbouwkolonies voor werkwilligen voeren daarnaast een zelfstandig bestaan. Beide echter genieten door de Rijkssubsidie sedert 1914 ingevolge verschillende overeenkomsten verleend, krachtigen steun en worden daardoor tot semi-officieele instellingen verheven

De nieuwe regeling te Veenhuizen, daarbij aansluitend, omvat allereerst eene andere indeeling der individuen zelf.

De opgezondenen boven 70 jaar oud worden nu in eene afzonderlijke afdeeling verpleegd. De psychisch-defekten worden eveneens afgezonderd gehouden en verpleegd tot hun tijd (voortaan ook een minimum, dat tegelijkertijd maximum is, van drie jaar) om is. De souteneurs worden uitsluitend naar Hoorn opgezonden.

Tot nadere beschouwing blijven dus over de opgezondenen onder de zeventig jaar, zoowel geschoolden als ongeschoolden.

') De Regeering draagt ten eerste drie kwart der totaalkosten der Inrichting, verleent verder f 0.50 a f 0.75 per persoon en per dag voor ieder verpleegde, zoo noodig f 10 in eens voor kleeding, geeft na geslaagde verpleging bijdrage voor uitzet. Reisgeld wordt voor 80 % door de Regeering, voor 20 % door de inrichting verschaft. Subsidie wordt niet langer dan een jaar verschaft.

Behandeling te Veenhuizen.

VAN MANEN.

8

Sluiten