Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ouderlingen en diakenen, zijn vastgelegd in algemeene plaatselijke voorschriften.

Voor de armenzorg zou ééne bepaling van belang kunnen zijn: het in Afdeeling I van het Algemeen Reglement der EvangelischLuthersche Kerk genoemde artikel, waarin de suprematie van de hoogere kerkbesturen over de mindere uitgesproken wordt: „De m'ndere kerkbesturen zijn verplicht aan de aanschrijvingen der hoogere Colleges te voldoen, en de van hen gevorderde berichten en rapporten ten spoedigste in te zenden." Deze suprematie der Synode wordt in art. 8 en in verdere bepalingen herhaaldelijk bevestigd. Hare bevoegdheden, uitgezonderd diegene, genoemd in art- 35» geven haar de macht, veel ter bevordering „der christelijke zeden" (art. 8, Afd. I) of van „de algemeene belangen der Evangelisch Luthersche kerk" (art. 30) te gelasten. Het overwicht der Synode staat hier in scherpe tegenstelling met de Ned. Hervormde kerk, waar het zwaartepunt bij de Classes ligt.

De Gereformeerde Gemeenten huldigen het gemeente-principe. Hare gemeenten zijn plaatselijk. Toch zijn deze plaatselijke kerken in een gemeenschappelijk Kerkverbond vereenigd, in Classes onderverdeeld, waarvan eenige tezamen de particuliere Synoden, alle tezamen de Generale Synode vormen.

De uitgebreide Kerkenordening1), welke de plaatselijke kerken in het jaar 1905 ingevoerd hebben, is het resultaat van een gemeenschappelijk overleg van vertegenwoordigers dezer Gemeenten en sluit aan bij de Kerkenordening van 1619.

Art. I bepaalt: „Om goede orde in de gemeente van Christus -te onderhouden, zijn daarin noodig: de diensten, samenkomsten, opzicht der leer, sacramenten en ceremoniën en Christelijke straf; waarvan hierna ordelijk zal gehandeld worden."

Art. II. De diensten zijn vierderlei: der Dienaren des Woords, der Doctoren, der Ouderlingen en der Diakenen. Art. 37 bepaalt het bestaan van een Kerkeraad in iedere gemeente.

Hier vinden wij dus voor alle kerken de instelling van het ambt van diaken vastgesteld. De verplichtingen der predikanten, der ouderlingen en der diakenen worden afzonderlijk genoemd»), hunne vergadering geregeld'). De classis vormt een hooger res-

*) Kerkenordening van ds. W. P. Renkema, dr. R. J. W. Rudolph, dr. J. C. de Moor. 1909. ») Art. x6—23 en 25. s) Art. 40.

Sluiten