Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kerk een voorbeeld, dat nauwkeurig moet worden nagevolgd *)

In de verhouding der kerk tot de armenzorg kwam dit het eerst naar voren. De armenzorg wordt als een noodzakelijke, onvervreemdbare en onontbeerlijke functie der kerk beschouwd, die, omdat er ook een burgerlijke armenzorg is, daarom haar reden van bestaan niet verliest. De inrichting der apostolische kerk is voor haar normatief, dus heeft ze als kerk in hare diaconieën haar eigen organen*). «*¥M$

In tegenstelling tot het Luthersche stichtingsprincipe huldigt de Calvinistische kerk het vereenigingsprincipe*). Deze opvatting kreeg als basis de religieuze, de in den Bijbel gegrondveste opvatting van het corpus mysticum Christi; haar bovenbouw vond zij in het toentertijde reeds zoo zeer ontwikkelde gemeenschapsleven der geestelijke instellingen, kloosters, enz., zooals ook der gilden, der communen, enz.

Het vereenigingsbegrip houdt in, dat de meest verschillende uitingen van het vereenigingsleven in de vergaderingen tot uitdrukking gebracht kunnen worden, hetzij religieuze, zedelijke, oeconomische of sociale. De vereeniging is aan geen andere grenzen gebonden, dan door het vereenigingsrecht zelf is aangegeven. De zuivere vereeniging bevat dus het beginsel van eigen wilsbepaling. Een tot eenheid verbonden gemeenschappelijk geheel zal zich onder zijn rechtmatig, door hem zelf ingesteld bestuur te juister plaats en te rechter tijd op geordende wijze van zijn wil bewust worden en dezen wil door een eenparige opvatting doen kristalliseeren tot een eenparig besluit. Daar het geheel niet alle vereenigingsaangelegenheden zelf kan behandelen, benoemt het plaatsvervangers; op deze" manier ontstaan dus de diensten der gemeenschap.

Oorspronkehjk was dit zoo niet aldus. Het vereenigingsbeginsel moet ook als een later, niet-gereformeerd verschijnsel omschreven worden. Volgens de algemeene opvatting van de eeuw der reformatie was ook de Gereformeerde kerk niet eene

*) Zie biervoor Eugène Choisy, La Theocratie a Genève au temps de Calvin: c'est la Bible qui a régné a Genève interprétée par lui (Calvin) comme un code de décrets ecclésiastiques moraux et doctrinaux.

2) K. Rieker, Gründsatze etc, p. 69. Die freien Vereine.

3) De actieve vroomheid der gereformeerden werd het best uitgedrukt in den actieven gemeenschapsvorm. De kerk werd voor hen op deze wijze de plaats zelf waar ze voor het Rijk van Christus ijverden, en waar al hun „christelijke" werkzaamheid tot uitdrukking kwam. G. Uhlhorn, Die Christliche Liebestatigkeit III, Hoofdstuk VI.

Sluiten