Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelf onder een eenigszins contróleerende macht geplaatst heeft.

Feitelijk blijft de diaken echter levenslang in zijn ambt, niet echter op grond dat hij niet ontslagen kan worden, maar door regelmatig opnieuw bevestigd vertrouwen in de vervulling van zijne ambtsplichten. Evenzoo het college van ouderlingen, waar eene aanvulling zeer dikwijls noodig is, daar deze functionarissen bij voorkeur uit de oudere elementen gekozen worden.

Daardoor bestaat het gevaar van het ontstaan van den stichtingsvorm. Eene gewoonte kan langzamerhand in een rechtsbegrip ontaarden, dat, hoewel het formeel nergens is vastgelegd, toch een zoo grooten daadwerkelijken invloed kan uitoefenen, dat uit dien hoofde een breken daarmede bijna onmogelijk.wordt.

Bij al deze colleges ontbreekt de verjonging, door welke nieuwe werkwijzen in een energiek tempo tot stand gebracht kunnen worden.

Bij de Evangelisch-Luthersche kerk beroept de Groot Kerkeraad de predikanten, ouderlingen en diakenen1). Ook vrouwen kunnen tot kerkeraadsleden benoemd worden •).

Dit doet hij op voorstel van de ouderlingen- en de diakenenvergadering zelf. Hier is dus het systeem der eigenaanvulling zuiver aanwezig en doet zich het eigenaardige verschijnsel voor, dat zich in het instituut twee andere eigenlijk autonome instellingen gevormd hebben. De oorspronkelijke wil is in de practijk tot machteloosheid verzwakt. Het aantal diakenen en ouddiakenen namelijk overtreft verre dat der ouderlingen en predi-» kanten. Bij eene eventueele wijziging van de kerkelijke wetgeving zou dus desniettegenstaande het college van diakenen den doorslag geven. Het aanvari"kelijk ondergeschikte orgaan beheerscht dus hier het daarboven gestelde.

Een correctief wordt gevonden in de Synodale bevoegdheden, waartoe de samenstelling van de kiesbevoegdheid der Plaatselijke Kerkeraden ook behoort. Ook hier wordt het stichtingsbeginsel, de uitsluiting van het daadwerkelijke lidmaatschap der ver-

) De Groot-Kerkeraad bestaat tdt de predikanten, de leden van de Groot-Ouderlingen-Vergadering, d. w. z. waartoe ook niet meer dienstdoende ouderlingen behooren, die hunne functie ad vitam bekleeden en uit de Groot-Diakenen-Vergadering (idem als bij de ouderlingen).

) Synodale zitting 26 Mei 1910, id. 1 Jan. 1916. In 1917 waren vrouwelijke kérkeraadsleden benoemd te Zaandam, te 's-Hertogenbosch, te Alkmaar. Niet echter te Amsterdam.

Sluiten