Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij vermeldt die factoren, welke in het arbeidersleven een practisch middel ter voorkoming van, of tot opheffing uit den toestand van armoede zijn gebleken: de arbeidsbemiddeling, de afvoer van het arbeiderssurplus, van de onbruikbaren, van de stad naar het platteland, de verhchting der arbeidsmarkt door emigratie. Eene classificatie en opvoeding van de aan lager wal geraakte elementen. Tehuizen voor die ongelukkigen, die als sociaal-impotent zonder inkomen zijn en met de sociaal-onbruikbaren ten onrechte de rijen der werkloozen aanvullen.

Ook hij zag in, dat alleen systeem, organisatie, samenwerlring der krachten, het gewenschte resultaat bereiken konden. In de practijk stiet hij echter dadelijk op de misstanden in het bedrijfsleven, op de fouten in de productietechniek en de afzetvoorwaarden, welke hem zijne elementen toevoerden. Dat bracht hem tot zijne waardigheid van „groot-ondernemer", van fabrieksbezitter, van koopman. Hij wilde datgene veranderen, wat tot de taak van de vakvereenigingen, de arbeiderswetgeving, de sociale voorzorg behoort.

Zijn plan was grootsch, maar het moest fragmentarisch zijn. De oplossing van het armenvraagstuk eischt alle sociale krachten — niet die van een enkele, zij het zelfs eene nog zoo veelomvattende partkuhere organisatie.

Het geheim van den wasdom van het Leger des Heils, godsdienstig zoowel als sociaal, bestaat uit de eenheid van de geheele corporatie, van hare onbeperkte gehoorzaamheid en het zakenprincipe: „wat wordt bereikt en hoe bereikt men meer?" Een vraag, waarop, wegens de versnippering van het geheele armwezen, in Amsterdam zoowel als in Nederland ook met behulp van het Leger des Heils slechts een onvoldoend antwoord te geven zou zijn.

Sluiten