Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ter in de twee grootste steden, Rotterdam en Amsterdam, beide aantrekkingspunt voor den toevloed van immigranten.

De kosten, per belastingbetaler berekend, doen een eenigszins andere cijferbeweging zien, dan die der kosten per hoofd der bevolking berekend, deze laatste beweging toont zich echter veel te gunstig door de groote toename van de laagste belastingklasse, die betrekkehjk weinig in de gemeentekas bijdraagt, dus de kosten voor de armenzorg niet verlicht.

In 1885 bedroeg het aandeel per belastingbetaler f 19.63; in 1895 was het tot f25.10 gestegen; sindsdien is het wegens de toename der kleine belastbare inkomens tot f 19.85 in 1905 gedaald, in 1913 echter weer gestegen tot f 21.60, in 1916 tot f 33.86.

Hoewel naast de armenzorg zooveel gewichtige uitgaven het gemeentebudget zijn komen belasten, is desondanks het aandeel, dat het armenwezen voor zich in beslag neemt, in verhouding niet kleiner geworden.

In 1875 bedroeg het 13-99 % der netto-uitgaven.

In 1885 „ 11.03 %

In 1895 „ „ 12.98 % „

In 1910 „ „ 13.91 % „

In 1913 „ „ 13 00 % „

In 1916 „ „ 16.08 % „

Het totaal gemeentebudget is tusschen 1875—1916 van niim drie milhoen tot zes en twintig milhoen gld. gestegen. De kosten voor het armwezen, die in deze som begrepen zijn, stegen van _t vierhonderdvijftigduizend gulden tot bijna vier en een half milhoen

Per belastingbeta-

Financièn van Netto-uitgaven Aantal der be- lenden inwoner

Amsterdam voor het lastingbetalende voor ondersteu-

netto uitgaven totaal armwezen inwoners ningskosten aan

de armen

1885 6.139187 f 676.446 34-453 f1963

1890 7.030 836 - 878.329 37-4" - 23 47

1895 8.240737 -1.069.798 42 573 -25.10

1900 10 612 109 - 1-333-936 58.129 -22.94

1902 n.524.307 - 1.572 240 69.470 - 22.63

1904 12.779.156 - 1.720.545 80.754 " 21.30

1906 13 357 479 -I.7I9-350 86.888 -I9-85

1908 14.248.196 - 2.298.559 104.714 - 21.36

1913 20235013 - 2.794.046 129.364 - 21.60

1916 26050.721 I - 4.480.426 132.304 - 33.86

Sluiten