Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

doen zijn middelen van openbare dienst. Dat dit voordeel niet gering is, blijkt daaruit, dat de tarivenquaestie — vooral wat het goederenvervoer betreft — hoe langer hoe meer eene groote handelsquaestie wordt.

Alleen om de magt te hebben over de tariven en om op die lijnen, even als reeds op de staatsspoorwegen in België geschiedt, het internationaal verkeer te bevorderen door het vaststellen van tariven, die naauwelijks de exploitatiekosten dekken. Pruissen en Duitschland doen 't zelfde, ten einde het goederenvervoer, dat nu nog over Nederlandsche, Belgische of Fransche havens gaat, zooveel mogelijk te voeren over eigen havens en daardoor het verkeer tusschen Duitschland en de landen over zee in eigen handen te hebben. Het ligt voor de hand dat de spoorwegen, zoolang zij worden geëxploiteerd door particuliere ■ maatschappijen, aan andere eischen moeten voldoen: zij moeten een zeker lucrum afwerpen voor de exploitanten, wat niet het geval is als de Staat ze in handen heeft, omdat deze er een middel van algemeene dienst van kan en behoort te maken. Wanneer, even als bijv. bij de posterijen de uitgaven door de inkomsten worden gedekt, kan de Staat volstaan, omdat het groote indirecte voorx deel dat hij door de spoorwegen geniet voor hem voldoende is. Men zal

mn' misschien tegenwerpen dat dit meer van toepassing is op Europesche dan op Indische toestanden. Maar ook daar kunnen zich omstandigheden voordoen, ook van politieken aard, die het niet alleen nuttig, maar zelfs volstrekt noodzakelijk kunnen maken dat de spoorwegen zijn in handen van den Staat. Ik begrijp niet waarom de Staat althans niet zou beginnen met eigen exploitatie; mogt het dan blijken dat hij daartoe niet in staat is, dan is 't nog altijd vroeg genoeg om er van af te stappen en de exploitatie over te dragen aan dezulken, die het beter verstaan.

Als men echter aanneemt dat Java spoorwegen zal krijgen voor rekening van 's lands penningen, dan moet ook op den voorgrond staan dat die spoorwegen in geen geval door particulieren zullen geëxploiteerd wor- den, maar dat zij in beheer zullen blijven van den Staat als een middel van publieke dienst. Zoolang dit niet is vastgesteld, maar integendeel de mogelijkheid, ja de waarschijnlijkheid bestaat dat de spoorwegen aan particulieren in exploitatie zullen gegeven worden, zoolang zal ik mijne stem onthouden aan elk voorstel tot aanleg van Staatsspoorwegen in NederÏandsch-Indië".

De heer Mr. J. G. Patijn sprak (Handelingen II. bl. 697): „Ik zal de herhaalde wenken van den geachten afgevaardigde uit de residentie, om . matigheid en zelfbeperking te betrachten, gaarne opvolgen. Een enkel woord slechts, om aan te toonen, waarom ik, in afwijking van den vorigen geachten spreker, mijne stem wèl voor dit wetsontwerp zal uitbrengen.

Er zullen onder de leden dezer Vergadering zeer weinige gevonden worden, die met den heer Corver Hooft thans geen aanleg van spoorwegen in Indië verlangen, en het zou eveneens nutteloos zn'n, om, als de geachte

Sluiten