Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te vangen, maar om 'slands belangen te behartigen. Ik waarschuw de Vergadering tegen overijlde besluiten; ik verzoek haar deze vraag wel te overdenken en herinner haar aan hetgeen gebeurd is bn' de aansluiting te Rotterdam. Toen werd er ook gewaarschuwd: weet wat gij doet; neemt gij een voorgesteld amendement aan, wat komt er dan van eene verbinding van den Rhijnspoorweg met den Hollandschen spoorweg te Rotterdam? Het einde is geweest dat de wijziging is aangenomen en dat de noodzakelijke verbinding niet tot stand gekomen is — tot groot nadeel van de spoorgemeenschap aldaar".

De heer Stieltjes sprak nog: „Mijnheer de Voorzitter! De geachte vorige spreker heeft de meening niet begrepen van hetgeen ik ontwikkeld heb, en waarom ik geen amendement wilde voorstellen, daar ik aan een teeken van den Minister meende te begrijpen dat hij tegen zoodanige wijziging geen bezwaar had.

De quaestie is deze: de wet bepaalt thans dat de lijn moet loopen van Buitenzorg naar Tjitjalengka.

Mijne opinie is dat men vrij moet blijven om te gaan of van TandjongPriok of van eenig punt der ln'n Batavia—Buitenzorg naar Tjitjalengka.

Maar nu wensch ik een nader onderzoek of men van een of ander punt zal uitgaan, in verband met te voeren onderhandelingen met de Nederlandsch-Indische Spoorwegmaatschappij.

Bly'kt het nu dat de Maatschappij gemakkelijk te vinden is èn om eene tweede lijn te leggen, of bij latere naasting, dan kon men van Buitenzorg uit beginnen.

Het is dus mijne bedoeling om voor het oogenblik geene beslissing omtrent de rigting te nemen, maar die ook gedeeltelijk te doen afhangen van de onderhandelingen met de lijn Batavia—Buitenzorg. Wat mij persoonlijk betreft, blijf ik de directe lijn van Tandjong-Priok naar Tjitjalengka door het dal der Tji-Behet verre boven den omweg verkiezen".

De heer Fransen vam de Putte: „Mijnheer de Voorzitter! Na de rede van den geachten spreker uit Amsterdam to) zal de groote ingenomenheid van den geachten spreker uit de residentie 7) met diens opvatting wel wat gedaald zijn.

Ik ben overigens geen regtsgeleerde, maar ik zou aan de juristen in deze Kamer wel eens willen, vragen, of er eene overeenkomst bestaat, zoo lang de wetgevende magt haar niet bekrachtigd heeft? Er is nog geene overeenkomst, en wij zijn dus mijns inziens volkomen vrij.

Gelijk de geachte spreker uit Amsterdam de redactie van het artikel geformuleerd heeft, kan geen lid bezwaar maken om het aan te nemen,

6a) de heer dr. T. J. Stieltjes. 7) de heer Mr. W. Wintgens.

Sluiten