Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voortvloeit de verpligting, ook voor de wetgevende magt, om voor de vervulling der behoeften, zoowel van het eene als van het andere deel des Rn'ks te zorgen, en te waken dat niet het eene deel ten behoeve van het andere wordt geëxploiteerd.

En dit klemt nog te meer, naar mate de wetgevende magt ook in de laatste jaren (om van vroeger niet te spreken) in ruimere mate beschikt heeft over baten uit Indische bronrien in 's Rijks kas gevloeid, ten bate van het Ruk in Europa, zelfs door amortisatie van schuld. Is dat zoo, dan durf ik vragen of het met dien pligt is overeen te brengen, wanneer men nu zegt: wij hebben zooveel uitgaven gedaan ten behoeve van het deel in Europa, laat ons met de vervulling van de behoeften voor het andere deel nog wat wachten? En wachten, hoe lang? Tot dat al de werken die ik straks noemde zullen voltooid zn'n, en misschien daarenboven de nieuwe plannen van den Minister van Waterstaat verwezenlijkt zullen zijn? Is dat de bedoeling, dan kan Indië lang wachten op de vervulling zijner behoeften!

Zegt men nu: wij bevinden ons reeds in finantiele moeijelijkheden, en die zullen nog toenemen als wij daarenboven besluiten tot aanleg van spoorwegen in Indië, die alléén, voor zoover de tegenwoordige voordragt betreft, op ongeveer 40 millioen berekend worden; zegt men dit dan zal geen verstandig man dit tegenspreken.

Het is mogelijk dat wij niet alleen voor spoorwegen en andere openbare werken hier te lande maar ook voor de spoorwegen in Indië zullen moeten leenen.

Ik maak mij geen illusien nu, evenmin als vroeger. Ik heb nooit behoord tot diegenen, die meenden dat men maar te besluiten had tot uitgaven voor vestingwerken, spoorwegen enz. en dat het geld dan van zelf wel zou toevloeien uit hoogere opbrengst van belastingen of uit Indische baten. Maar dat zeg ik: dat, de behoefte aan openbare werken erkend zijnde, ik niet kan inzien waarom men wel geld zou mogen leenen voor zulke werken ten behoeve van het eene deel van het Rijk, en niet ten behoeve van het andere.

Slechts dit eene verlieze men daarbij nimmer uit het oog, — en het geldt zoowel het eene als het andere deel van het Rijk, — dat wanneer men zulke groote en kostbare zaken des noods door geldleeningen wil tot stand brengen, verhooging van belastingen onvermijdelijk is.

Aangenomen dus dat wij een aanvang willen maken met de vervulling der behoefte aan sporen op Java, welke van de twee stelsels verdient dan de voorkeur, Staatsaanleg, of aanleg bij concessie?

Hier wordt Staatsaanleg voorgesteld; en ik erken dat dit voor my de zwarte zijde is van het voorstel.

Ik was altijd en ben nog tegenstander van Staatsaanleg, omdat dit verreweg de kostbaarste wijze van uitvoering is. Ik herinner mij, het is reeds eenige jaren geleden, en de tegenwoordige Minister van Koloniën

Sluiten