Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dit kon niet om eene zeer eenvoudige reden, die opgegeven is in de Memorie van Toelichting en ook indertijd ter sprake is gebragt bn' de beraadslaging in de vergadering van aandeelhouders van die Maatschappij, namelijk omdat de Maatschappij de exploitatie van die lijn niet verlangde en pertinent geweigerd heeft zich daarmede te belasten. De Staat had geen regt om de verpligting tot exploitatie aan de Maatschappij op te leggen. Uit den aard der zaak is door mij allereerst aangedrongen om van de Nederlandsch-Indische Spoorwegmaatschappij een voorstel te ontvangen tot het verkrijgen van vergunning om die lijn te exploiteren, maar te vergeefs.

Nu zou ten gevolge van die weigering de Staat eene ln'n moeten exploiteren van 8 kilometers; dit is voor een ieder, die maar eenigzins bekend is met de zeer groote eischen voor eene spoorwegexploitatie, een onoverkomelijk bezwaar. Er kan dus geen sprake daarvan zijn, dat de Maatschappij, zoo als de geachte afgevaardigde zeide, de ln'n moet exploiteren.

In de tweede plaats wijst de geachte afgevaardigde op de onvoldoende toelichting in de stukken, omtrent den toestand waarin de spoorweg zich bevindt.

Ik erken gaarne dat ik geen uitvoerige schrifturen over deze zaak aan de Kamer heb overgelegd, en dat ook de Memorie van Beantwoording zich door beknoptheid onderscheidt. Maar al komen in dit stuk geene lange volzinnen voor, daarin worden toch een tal van feiten vermeld. Het was mn' gemakkelijk deze aan de Kamer mede te deelen, omdat de Regering in het voorjaar de Indische Regering had uitgenoodigd om, buiten en behalve het van harentwege uitgeoefend gedurig toezigt, nog een speciaal onderzoek te doen instellen naar alle details, alle werken, in een woord naar alles wat met den spoorweg in verband staat. Dit onderzoek heeft plaats gehad onder leiding van den inspecteur der spoorwegen, den heer Derks. Ik noem den naam, opdat de geachte spreker niet zou meenen, dat de vroegere inspecteur, de heer Maarschalk, die, zoo als bekend is, den weg heeft aangelegd, met het onderzoek was belast.

In de Memorie van Beantwoording zn'n de uitkomsten van dat onderzoek beknopt, maar, naar ik meen, zakelijk medegedeeld. Die uitkomsten, ik wil het gaarne erkennen, hebben, naar al de geruchten die omtrent den toestand van den weg in omloop waren, mij aangenaam verrast.

Bij den aanleg van den weg is de Indische spoorwegmaatschappij hoogst zuinig geweest, maar alleen wat betreft datgene wat met de veiligheid van het verkeer niets te maken had, de stationsgebouwen enz.

Ten aanzien van het essentiƫle heeft zn' die zuinigheid niet in acht genomen. Wat de aardebaan betreft wordt aangeteekend, dat deze in voldoenden toestand is. Hetzelfde is het geval met den bovenbouw en het ballastbed, terwy'1 per maand 400 dwarsliggers werden vernieuwd; wat

Sluiten