Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Preanger spoorweg wordt in het leven geroepen.vnatuurly'k belangrijker „moeten zijn dan ingeval de ln'n uitsluitend voor het verkeer tusschen „Batavia en Buitenzorg bestemd ware gebleven"".

Ten slotte wordt nog met betrekking tot het rollend materieel gezegd: „„maar er zullen uitgaven moeten worden gedaan om het rollend „materieel zoodanig in te rigten, dat het voor het doorgaand verkeer in „de treinen der Staatsspoorwegen geschikt zij"".

Er moeten dus voor dezen weg die in voldoenden, goeden toestand heet te verkeeren, gemaakt worden: nieuwe signalen, nieuwe spoorstaven, nieuwe stations, nieuwe bruggen en nieuw rollend materieel. Ik vind nog al tegenspraak in dat Verslag. Die kleinigheden worden door den Minister geschat op 6 ton; wy' weten echter by' ondervinding, dat wanneer deskundigen en bouwkundigen vooral eene begrooting maken voor den Staat, dat het cijfer dan grootendeels afhangt van de meer of minder optimistische beschouwingen van den ontwerper. Wanneer de ontwerper het plan gaarne ziet uitgevoerd, weten de deskundigen de bezwaren zeer ligt te doen wegen en de voordeelen in.een sterk en helder licht te stellen; is hy evenwel van meening, dat een plan niet uitgevoerd moet worden, dan worden de bezwaren door de deskundigen met zwarte kleuren geteekend en op de lichtzijden weinig gelet. Men zou zulke begrootingen kunnen noemen: geflatteerde begrootingen. Wanneer een werk op 6 ton geraamd is, dan is het niet vreemd dat men by' de uitvoering die som met 2 of 3 ziet vermenigvuldigen; de Kamers hebben daarvan treurige ondervinding opgedaan.

Ik wenschte gaarne van dén Minister te weten, of er zekerheid bestaat, en zoo ja, welke, dat wy voor de aangeduide som werkelijk het doel zullen bereiken, zoodat alles in goeden staat wordt gebragt, en wy later niet op de volgende begrootingen posten zullen aantreffen tot verbetering van dezen spoorweg. Zoolang ik daarvoor geene bepaalde toezegging erlang en myne bezwaren niet zyn weggenomen, moet ik my blyven scharen aan de zyde van die leden welke, op grond van den tégenwoordigen financielen toestand en van de omstandigheid, dat de renten en aflossing van die 6 millioen plus zes ton, plus hetgeen er welligt nog by'komt, zullen worden gevraagd van ingezetenen die reeds zwaar genoeg worden gedrukt, bedenking hebben gemaakt om hunne toestennning te geven aan deze uitgaaf.

Het zal my aangenaam zyn, wanneer de inlichtingen van den Minister myne bezwaren zullen kunnen opheffen, zoodat ik ten slotte myne stem aan het ontwerp zou kunnen geven".

De heer Fransen van de Putte sprak (Handelingen I bl. 68): „Ik zeg den Minister dank voor de toezending van de Nota van Antwoord,"welke, naar myn inzien, de discussie over dit wetsontwerp kan verkorten. Zij die met den geachten afgevaardigde uit Overijssel meer waren voor den aanleg

Sluiten