Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het reglement vervat in Stbl. 1871 No. 113. Bovendien werd het vervoer op spoorwegen met stoom als beweegkracht gesplitst in 2 categoriën al. bij een snelheid van meer dan 15 K.M. en van 15 K.M. of minder. In het le geval bleef de regeling van Stbl. 1879 No. 214 onaangetast; in het laatste geval berustte het toezicht onder de bevelen van den Directeur der B. O. W. bij de hoofden van gewestelijk bestuur met uitzondering van dat op het rollend materieel en het stoomwezen, hetwelk plaats had overeenkomstig het reglement, regelende het toezicht op het gebruik van stoomtoestellen in N. I (Stbl. 1873 No. 210).

Die laatste wijziging was het gevolg van de concessieverleening-Dukman (zie hieronder; zie ook Indische Spoorwegpólitiek deel I HoofdstukV)

In de eerste afzonderlijke jaarverslagen der S. S. lezen we onder het hoofd „Toezicht op de particuliere spoorwegen" af en toe mededeelingen, welke doen vermoeden dat dit toezicht effectief werd uitgeoefend. Zoo komt in dat over 1880 het volgende voor:

„Het toezigt door de ambtenaren uitgeoefend, bragt van tud tot tijd „overtredingen aan het licht, zoowel van het Algemeen Reglement als „van de voorwaarden waarop de concessiën zijn verleend.

„De voornaamste dier overtredingen waren, dat reeds gedurende bij„na 8 jaren op de lijn Batavia—Buitenzorg in de locaaltreinen 3e klasse "reizigers werden vervoerd in een bagagewagen, terwijl bij een ander ,'onderzoek bleek, dat voor het vervoer van reizigers 3e klasse met sneltreinen op de lijn Batavia—Buitenzorg sedert eenige jaren een hooger ".tarief werd geheven, dan volgens de bij het besluit van 15 December "l872 No. 13 goedgekeurde en sedert onveranderd gebleven tarieven ge".oorloofd was, 22) terwijl bovendien in strijd met de eerste alinea van ".artikel 38 der Voorwaarden van concessie voor den aanleg en de ex-

22) In het Koloniaal Verslag over 1881 is dezelfde kwestie vermeld. Op bl. 130 komt een noot 3 voor luidende: Toen in 1876 de eerste proef met de sneltreinen werd genomen, was aan de .Maatschappij voor een jaar de toepassing van dat verhoogde tarief toegestaan.

Sedert was zij met de toepassing van dat tarief voortgegaan, zonder nader de goedkeuring der Regering daarop te vragen. De leden van het comité van bestuur op „Java zijn deswege in regten vervolgd en tot betaling van boeten Veroordeeld ge-

"W° Over'het arrest van het Hooggerechtshof in N.-I. van 18 October 1881, opgenomen in het Recht in NederlandscH-Indië XXXVII bl. 245 zie bijlage XXVIII. In het Koloniaal Verslag over 1881 is nog op bl. 130 vermeld: De aanrakingen van de ambtenaren voor het regeringstoezigt met den chef der „exploitatie van de lijn Batavia-Buitenzorg geven aanleiding tot de vraag, of deze, „dan wel het comité van bestuur, als „bestuurder van den spoorwegdienst in den jiin van art. 27 van het algemeen spoorwegreglement (Indisch Staatsblad 18M> !,No 132) was aan te merken. Bij eene beschikking van 25 Januari 1881 gaf de Indische Regering te kennen dat de ambtenaren der spoorwegmaatschappij die met het ',',dagelijksch beheer van den dienst der exploitatie belast «fln, en niet het comité van bestuur, als de bestuurders van den spoorwegdienst moeten worden beschouwd .

Sluiten