Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Maar ook ik zou de voorkeur aan afscheiding geven, die echter misschien nu nog moeilijk is omdat er nog te weinig particuliere lijnen zijn. „Een hoofdinspecteur die voor zijn taak bekwaam is en dus een vrij hoog „tractement zoude moeten hebben, zou nu te weinig te doen hebben.

„Daarom is tot nog toe het toezicht uitgeoefend als een bijbetrekking „door de hoofdingenieurs van de Staatsspoorwegen, ter zijde gestaan door „een adjunct-ingenieur of bouwkundig ambtenaar en twee opzichters. „Verder werd het toezicht uitgeoefend door de ingenieurs-werktuigkundigen van de Staatsspoorwegen, die van tijd tot tijd het materieel gingen „opnemen. Het toezicht van het materieel had ik intusschen opgedragen „willen zien aan een hoofdingenieur-werktuigkundige, die eene „meer onafhankelijke betrekking zou krijgen als inspecteur van het materieel, zoowel van de staats- als van de particuliere spoorwegen. Ik geef „volmaakt toe dat wenscheljjker ware een afzonderlijk toezicht te heb„ben, maar dat is alleen mogelijk wanneer de particuliere lijnen meer „uitgebreid zijn, zoodat er een werkkring zou zijn voor zulk éen ambtenaar".

Den 21en November 1883, bij gelegenheid van de behandeling van de Indische Begrooting voor 1884, had de heer de Bruyn Kops dezelfde kwestie reeds ter sprake gebracht in de Tweede Kamer. Hij zeide toen o.m. (zie ook deel V der Indische Spoorwegpólitiek Hoofdstuk II §2 bl. 118).

„Hieraan knoopt zich onmiddellijk vast de omstandigheid, dat het „toezicht op de particuliere spoorwegen op Java — niet slechts op den „aanleg maar ook op de exploitatie — is opgedragen aan het hoofd der „Staatsspoorwegen. Deze is het die den Gouverneur-Generaal moet advi„seeren omtrent concessiën en later te nemen besluiten bij de uitvoering „en bij de exploitatie. Het komt dus hierop neder, dat de controle op particulieren aanleg en op de exploitatie door particuliere maatschappijen, „geschiedt door hun concurrent.

„Ik gebruik hier het woord „„concurrent"" in den goeden zin. Elke „macht tracht naar uitbreiding, dat is eene bekende zaak. Zoo heeft ook „het uitstekend korps ingenieurs bij de Staatsspoorwegen op Java eene „sterke ingenomenheid met zijne zaak; het is eene quaestie van eigenbliefde om de stelling te handhaven, dat Staatsaanleg en Staatsexploitatie „het beste is. Het is onmogelijk aan te nemen dat die verhouding zonder „invloed zou zijn op de adviezen en de maatregelen waarbij de bijzondere "spoorwegdiensten zijn betrokken. Dat nu zijn niet de waarborgen voor „eene onpartijdige controle, welke de nijverheid en het kapitaal volstrekt „behoeven om zich met vertrouwen in die ondernemingen te begeven.

„Nu zegt men wellicht: dergelijke inrichting der controle op spoorwegen vinden wij toch ook hier in Nederland terug, want het hoofd der „afdeeling spoorwegen bjj het Ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid, is tevens het hoofd van den aanleg van Staatsspoorwegen.

Sluiten