Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

berichten maakten hem ernstig ongerust en hij schreef aanstonds een hartelijk briefje aan zijn „Aller Liebste", vol betuigingen van aanhankelijkheid en beloften van spoedige terugkomst. Hij snelde dan ook over Dillenburg naar Breda terug, waar hij haar den 20s*en nog levend vond maar reeds door de geneesheeren opgegeven; hare ziekte nam een snel verloop en 24 Maart stierf zij, „christlich und wol". Haar heengaan heeft hem ten diepste getroffen en bracht hem tot uitingen van droefheid, die spreken van hartelijke liefde voor de overledene, van berusting in God's wil, en dat in woorden, die van ernstiger opvatting des levens getuigen dan men, op grond van uitingen als die boven vermeld werden, geneigd zou zijn in dezen tijd uit zijn mond te verwachten. Nog weken later vinden wij hem in dezelfde diep bedroefde stemming, waarin ook de toekomst zijner twee jonge kinderen hem met bekommering bezig houdt. Prinses Anna werd een paar weken later te Buren bijgezet natuurlijk volgens den katholieken ritus, waaraan ook, tot ergernis der streng-protestantsche moeder te Dillenburg, graaf Ludwig deel moest nemen.

Maar de staats- en krijgszaken ontrukten hem weldra aan zijn verweesde omgeving. In Augustus vinden wij hem tijdens den veldtocht in Artois, waaraan hij deelnam, weder in het kamp. Hij begaf zich toen naar Bapaume, waar hij zijn gevangene, den op parool voor twee maanden vrijgelaten maarschalk St. André, had te ontmoeten op diens voorgenomen doortocht naar zijn lotgenoot, den connétable de Montmorency, die ook bij St. Quentin gevangen was genomen. St. André, die door koning Philips met dit doel losgelaten was, nadat Oranje te Breda hem, op Philips' aandrang wegens den uitgeputten toestand dezer gewesten, 's Konings neiging tot vrede had medegedeeld, kwam terug met een opdracht van koning Hendrik II, die na de zware nederlaag bij Grevelingen (13 Juli) eveneens tot onderhandeling over vrede bereid was.

De onderhandelingen begonnen inderdaad 9 September te Brussel en onder de vertegenwoordigers van koning Philips was ook de jonge Oranje naast den Spanjaard Ruy Gomez de Silva, den graaf de Melito en den ervaren diplomaat, den bisschop van Atrecht, terwijl van Fransche zijde St. André en Montmorency als onderhandelaars optraden. De onderhandelingen werden sedert begin Oct. gevoerd te Cercamp, tusschen Doullens en het Bourgondische legerkamp bij Othies, waar koning

Sluiten