Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

noodzakelijke bede te vragen, niet aan de door hen gewenschte StatenGeneraal maar aan de afzonderlijke Statenvergaderingen, wezen de heeren dit af en klaagden luide over de nieuwe bisdommen en de door het volk gevreesde verscherpte inquisitie j zij vroegen dringend bijeenroeping der Staten-GeneraaL De landvoogdes wilde deze ten slotte wel toestaan maar zonder gezamenlijke beraadslaging der afgevaardigden van de verschillende Staten, zoodat ieder gewest afzonderlijk kon worden behandeld en geen gemeenschappelijk optreden behoefde gevreesd te worden. Zoo werd eindelijk besloten, tot verlichting van Margaretha, die de stemming der Vliesridders met grooten angst had waargenomen en nog meer verzet vreesde, als de Koning het Fransche plan werkelijk zou willen doorzetten. Weder kwamen er van de zijde van Oranje ernstige waarschuwingen daartegen, aangezien de Duitsche vorsten zich dan ook zouden wapenen, en zelfs Granvelle waarschuwde den Koning, die de lichting der troepen reeds beval, dat hij niet moest denken, dat de Nederlanden tegen hun zin gekommandeerd konden worden als Spanje of Italië. De Koning gaf ten slotte toe en zag van zijn plan af, dat teruggebracht werd tot de uitbetaling van een met groote moeite bij elkander geschraapt subsidie aan de Fransche regeering. Ook met Engeland, welks anglikaansche koningin Elizabeth de* Hugenoten thans openlijk steunde, werd door de scherp katholieke staatkunde des Konings de verhouding minder goed en reeds begonnen de Engelschen den Nederlandschen handel te bemoeilijken, ja door geheime agenten en paskwillen tegen het pausdom ook de krachtig werkzame calvinistische bewegingen in de aan Frankrijk grenzende provinciën te steunen. Met groote belangstelling volgde men onder het volk der Nederlanden zelf den gang der zaken in Frankrijk, ten deele uit sympathie voor de verdrukte Hugenoten, ten deele uit vrees voor een streng katholieke politiek der eigen regeering, waarvan de van de bloedplakkaten en van iets als de Spaansche Inquisitie af keerige burgerijen en handwerkslieden niet wilden weten.

De zending van Montigny, die drie maanden in Spanje bleef, had weinig gevolg, al zonden de heeren van de Liga: Oranje, Egmond, Hoorne, Bergen, de graven van Megen, Mansfeld en Aremberg hem nog een duidelijke instructie omtrent hunne bezwaren na. Op zijn afscheidsaudientie (29 Nov. 1562) sprak Montigny tot den Koning nog eens over de bisdommen, de inquisitie en Granvelle maar Philips

Sluiten