Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van niet weten wilde, en deed het voorstel hem onder een of ander voorwendsel te ontbieden, terwijl hij nog in een naschrift de verantwoordelijkheid voor de besluiten der Liga van zich afwierp. Granvelle ried den Koning van dit aanbod gebruik te maken, maar de landvoogdes ried het af, bewerend, dat zij Egmond juist nu niet kon missen.

En Granvelle deed meer. Hij waarschuwde den Koning telkens voor Oranje's eerzucht en Duitsche relaties, voor Montigny's kettersche neigingen, voor Bergen's plannen met de Staten-Generaal, voor de mogelijkheid, dat de heeren het heft in handen zouden krijgen en daarmede als vanouds hunne eigene belangen krachtig zouden trachten te bevorderen zonder op die des Konings of van het geloof bijzonder te letten, ja zelfs met gevaarlijke toenadering tot de ketters, al waren zij dit zelf niet. Maar de landvoogdes liet hem sedert den zomer van 1563 meer en meer los en wendde zich steeds meer naar de Liga. Toen zij in Augustus haar vertrouwden maar niet onomkoopbaren Spaanschen secretaris Armenteros, later als Argenteros en .barbier de Madame" (die een snor had) bespot, naar Spanje zond, stond deze reeds in de beste verhouding tot de heeren, die niet nalieten aan de landvoogdes beloften te doen omtrent hunne medewerking tot regeling van den financieelen toestand. Armenteros nu had niet meer of minder dan, behalve zijn officieele opdracht om den Koning namens de landvoogdes in te lichten omtrent de verlangens van de ligistische meerderheid in den Raad van State, de aanwijzing om den Koning tevens duidelijk de gevaren eener handhaving door dik en dun van Granvelle onder het oog te brengen. Zij betuigde in een nieuwen brief den Koning, dat zij eerst thans duidelijk inzag, wat het belang was van de aan haar zorg toevertrouwde landen.

De Koning aarzelde na ontvangst van deze brieven en mededeelingen over de ten opzichte van Granvelle te nemen beslissing; hij was van de aanbiedingen der beide heeren weinig gediend en kon toch zijn oor niet sluiten voor hunne bezwaren en die der landvoogdes. Hij riep dus den raad in van zijn getrouwen hertog van Alva.

Deze beval in heftige termen aan Granvelle in ieder geval te handhaven, omdat hij immers naar 's Konings inzichten regeerde, en dé heeren met voorzichtig beleid te straffen voor hun schandelijk verzet. Egmond moest de Koning naar Spanje tronen en den beiden anderen kortaf bevelen in den Raad van State terug te keeren; verder moest

Sluiten