Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(24 Jan. 1564) uit Monzon in Aragon, waar Philips de vergadering der Cortes had bijgewoond, naar de Nederlanden terug met een antwoord op zijn instructies en een zestal belangrijke brieven: twee aan de landvoogdes en Granvelle, twee aan Egmond en nog twee zeer geheime eigenhandige aan de beide eerstgenoemden. In de eerste, die in den Raad van State konden getoond worden, weigerde hij te voldoen aan de eischen der Grooten en behield zich nog steeds de beslissing aangaande Granvelle voor. Maar in de laatste was de toon anders: die aan Granvelle hield in, dat hij de landvoogdes zoo spoedig mogelijk had te verzoeken om verlof tot een reis naar Bourgondië tten einde zijn oude moeder nog eens te zien; die aan de landvoogdes handelde vooral over hare belangen in Italië; verder bezwoer hij haar den katholieken godsdienst en het gezag te handhaven; eindelijk openbaarde hij haar het geheim van Granvelle's zoogenaamde familiereis, haar diepe geheimhouding van zijn listig gevonden plan opleggend. De eene brief aan Egmond hield voorts het bevel in om naar» Spanje te komen, de andere weinig anders dan algemeene verzekeringen van 's Konings gunst en welgezindheid, die ook Armenteros zelf namens dezen moest betuigen. Oranje zelf ontving een dergelijken brjef door Erasso.

Eerst drie weken later kregen de heeren vervolgens door een koerier officieel antwoord Op hun brief van 29 Juli. Dit schrijven, gedagteekend uit Barcelona 19 Febr. 1564, was uiterst kort en ongenadig. De Koning verklaarde verbaasd te zijn over hun wegblijven uit den Raad van State en gebood hen kortaf: ,ne faillez d'y rentrer" ; wat den kardinaal betreft, ontwijkend: „mon in tention est d'y penser encoires pour y pourveoir comme il conviendra". Aan de landvoogdes schreef Philips te gelijk, dat het misschien toch maar beter zou zijn, als de kardinaal zjch aanstonds naar Mechelen begaf „om zijn diocees te bezoeken*; dan kon Margaretha hem, den Koning, eerst nog schrijven over den indruk, dien Armenteros' brieven hadden gemaakt, alvorens Granvelle de Bourgondische reis zou hebben te ondernemen.

Armenteros, door Hoorne en andere Grooten te Valenciennes opgewacht, wat hunne intieme betrekkingen met hem duidelijk aanwijst, kwam 18 Februari daar aan en kweet zich spoedig van zijn verschillende opdrachten. Granvelle berichtte nu aan de landvoogdes zonder meer, dat hij dadelijk vertrekken zou, en Margaretha toonde zich in een brief aan den Koning, zeer met dat vertrek ingenomen, daar het „vele onaan-

Sluiten