Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

politieke agenten in de Nederlanden: fray Lorenzo de Villavicencio en Alonzo del Canto, de eerste Augustijner monnik, de andere militair betaalmeester te Brugge, die den zeer gematigden Vigliüs wegens zijn-slapheid tegenover de plakkaten in hunne geheime brieven weldra betichtten van bescherming der ketters in zijn functie van president van den Geheimen Raad. Ook zijn bloedverwant, vriend en helper, Joachim Hopper, die de gunst der heeren ijverig zocht, bleef van dezen kant niet ongemoeid, zoodat de Koning de beide hooge beambten ernstig begon te wantrouwen. De „verrader" Berlaymont werd door de Grooten geheel ter zijde geschoven en met minachting behandeld.

Natuurlijk wilde de Koning niets weten van de staatkundige hervormingsplannen der heeren, die zijn landsheerlijk gezag ernstig zouden hebben bedreigd. Zoo moesten zij in het landsbestuur voortwerken met de regeeringsmachine van den kardinaal, welker werking zij niet voldoende in de hand hadden. En één zaak bleek daarbij duidelijk: de karakterzwakte der landvoogdes. Zij beheerschten haar thans geheel, ook door middel 'van haren secretaris Armenteros. Deze baatzuchtige intrigant, neef van 's Konings machtigen Madridschen secretaris Gonzalo Perez, werd thans steeds invloedrijker en schraapte heel wat geld bijeen, hetgeen de landvoogdes voor zichzelve ook niet naliet. Hij stond voortdurend in nauwe betrekking tot de Grooten en genoot het volle vertrouwen zijner meesteres. Deze deed thans niets meer buiten de Grooten om, vroeg in alles hun raad, met name dien van Oranje en Egmond, en noodigde hen telkens bij zich aan tafel. Zij toonde zich zelfs geneigd om in godsdienstzaken hun zin te doen, ijverde tegen de bedorven Nederlandsche geestelijkheid en sprak toegefelijk over de hervormingsbegrippen; ja, zij schijnt in dezen tijd zelfs geen bezwaar gehad te hebben tegen de invoering van den kelk voor de leeken en de afschaffing van het coelibaat, waarvan in de kringen der Grooten werd gesproken in verband met hunne verzoeningsplannen: gruwelijke dingen in de oogen van rechtgeaarde Katholieken, afschuwelijk in die des Konings en inderdaad niet minder dan belangrijke stappen in de richting van het Protestantisme.

Ook Renard, nog steeds raadsman der Grooten, thans meer dan ooit, stond bij haar nu natuurlijk in een beter licht, maar zij vermeed toch hem tot zich te roepen, toen de Koning, door Granvelle en Viglius voor zijn invloed gewaarschuwd, hem naar Spanje ontbood. De slimme

Sluiten