Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voogdes tot bepaalde hervormingen machtigde op het gebied van religie, rechtspraak en bestuur. Egmond moest mondeling nog meer zeggen en raden, ter versterking van het geschrevene.

Het viel geen oogenblik te verwachten — daarin had Viglius vol-, komen gelijk — dat de streng katholieke Koning aan deze eischen zou willen toegeven. Het was de handschoen, dezen toegeworpen.

De Koning had nog in het late najaar de vroeger zoo begeerde overkomst van Egmond trachten te beletten, doch zijn wenk aan de landvoogdes om die alsnog te verhinderen kwam te laat. Half Januari 1565 nam Egmond afscheid van zijn medestanders en den i8den verliet hij Brussel, onderweg door Aerschot en Hoogstraten begroet, welke laatste hem vergezelde tot Kamerijk, waar hij wachten moest op toestemming om door Frankrijk te reizen. Daar kwamen vrienden der Grooten: Mansfeld, Culemborg, Brederode, ook de door allen slechts half vertrouwde Noircarmes en anderen hem bezoeken; zij beloofden plechtig hem te zullen wreken, als Granvelle en de zijnen hem soms kwaad berokkenden, en gaven daarvan een schriftelijke verklaring, met hun bloed geteekend, aan zijne gemalin. Eindelijk kwam de vereischte toestemming. Warluzel, luitenant van Bergen in de citadel van Kamerijk, vergezelde hem tot Orleans, de heer van Rasseghem en een zestal edellieden van zijn gevolg gingen mede naar Spanje, waar de beroemde yeldheer, na op zijn doorreis groote eerbewijzen in Frankrijk ontvangen te hebben, begin Maart aankwam.

In den aanvang maakte Philips geen. haast met de zaken. Egmond kreeg eenige. gelegenheid om te spreken over de matiging der plakkaten, zelfs over een nationaal concilie, maar de Koning toonde zich daartoe volstrekt niet bereid en zeide betreffende zijn telkens aangekondigde reis naar. de Nederlanden, dat daarvan ook in het eerstvolgende jaar niets kon komen. Einde Maart drong Egmond, overeenkomstig zijne instructie, aan op de versterking der macht van den Raad van State en op zijn vergrooting met vier leden, die hij aanwees: Bergen, Montigny, Megen en Noircarmes, benevens op benoeming van Megen, Brederode of Roeulx tot bevelhebber der artillerie in plaats van Glajon, terwijl Hoorne dan in plaats van Megen weder stadhouder van Gelderland zou kunnen worden; in plaats van Viglius zou in den Raad van State de gematigde Beaufort, in den Geheimen Raad Rasseghem president worden; voor zichzelven vroeg Egmond

Sluiten