Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

trekken sprak, wilde er van hooren. Zij' weigerden en daarmede was de kans voorbij, dat Oranje met hen nog verder zou kunnen samenwerken. Egmond werd met den dag loyaler en katholieker, Hoorne trok zich mokkend terug naar Weert. Oranje stond voortaan zoo goed als alleen. Zou er nog iets te bereiken zijn met de leden van het voormalige Compromis, waarop de Beeldenstorm ook een oplossenden invloed had gehad? Of zelfs desnoods met de Calvinisten, die Oranje intusschen wegens zijn demonstratief katholiek optreden en zijn blijkbare voorliefde voor de Lutheranen, ook niet ten volle vertrouwden ?

Bij deze beiden zou graaf Lodewijk weder de tusschenpersoon moeten zijn.

De werkzaamheid van graaf Lodewijk, nog steeds een der voornaamste leden, ja de leider van het Compromis of wat er nog van overgebleven was, was ook in dezen tijd zeer krachtig en-de landvoogdes, die den voormaligen Geuzenbond bleef beschouwen als de hoofdoorzaak van het voortduren der woelingen en zijn leden als de heimelijke opruiers der Calvinisten, als de beschermers hunner openbare prediking, verlangde weder met aandrang op voorgaan des Konings van den Prins zijn tijdelijk heengaan uit het land, totdat de rust er zou zijn wedergekeerd. Zij zag dit niet slecht in/ want graaf Lodewijk was inderdaad nog steeds de rechterhand van den gevaarlijken Oranje en drong bij hem zelfs aan op openlijken overgang tot de Augsburgsche Confessie.

In dezen tijd heeft de Prins er werkelijk ernstig over gedacht, of het niet beter voor hem zou zijn thans openlijk over te gaan tot het Lutheranisme, minder uit innige overtuiging dan wel op grond van staatkundige overwegingen. Daaromtrent heeft hij den raad van landgraaf Wilhelm van Hessen ingewonnen. Er scheen veel voor, schreef de landgraaf, met name uit overweging van de. wenschelijkheid om, nu den Prins in zijn gemoed toch werkelijk luthersch was — en dat erkende deze thans onomwonden — een einde te maken aan alle geheimzinnigheid en uiterlijk vertoon van gehechtheid aan de katholieke Kerk ter wille van wereldsche overwegingen, aan dat „dissimulirèn und hincken zu beiden Seidten," dat „wetter kalt noch warm sein," dat Oranje — zeide de landgraaf.— reeds ^vorlang" had moeten opgeven. Maar er was ook wel iets tegen: de Koning zou hem voortaan geheel als een ketter behandelen, hem als den werkelijken aanstichter der woelingen en als ketter niet alleen van zijn ambten vervallen maar

Sluiten