Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

plaats wraak en straf en zette Alva aan om zoo spoedig mogelijk met zijn Spaansche en Italiaansche troepen naar de Nederlanden te gaan ten einde het strafgericht te voltrekken.

En Alva naderde spoedig. Nog vóór half Augustus bereikte hij met zijn „Barbes-Noires* van Noord-Italie uit over Savoye, den Mont-Cénis, Franche Comté en Lotharingen het Luxemburgsche. Het waren 10000 man van Europa's beste soldaten, grootendeels veteranen, onder beproefde bevelhebbers als de Spanjaarden Sancho d'Avila, d'Ulloa, de Londogno, Romero, Braccamonte, Mondragon, Basta, d'Avalos, de Italiaansche artilleristen Chiappino Vitelli en Paciotti, onder Ferdinand en Frederik de Toledo, Alva's eigen zonen, allen waardig om te dienen ónder den eersten veldheer van zijn tijd, die op den langen tocht de krijgstucht krachtig handhaafde. Den 22*ten Augustus deed hij zijn schitterenden intocht in Brussel, vergezeld door Egmond, die naast hem reed, en ontvangen door de met statigen ernst gewapende landvoogdes met Aerschot en Mansfeld aan hare zijde: hij was haar oude persoonlijke- vijand, over wiens komst, dreigend met verderf, zij bitter klaagde in hare brieven aan den Koning, waarin zij sprak over hare diepe teleurstelling, nu zij in de Nederlanden orde en rust met zooveel moeite hersteld had na negen jaren' van moeite en beproeving.

Van Alva's eerste bewegingen tot bezetting van de voornaamste steden van Brabant ontving de Prins te Dillenburg bericht door een schrijven van zijn Antwerpschen vriend en medestander Antonie van' Stralen, burgemeester der Scheldestad, waar thans de graaf de Lodron garnizoen hield met eenige Duitsche en Waalsche vendels en de oude Mansfeld het bewind voerde. Te Leuven had Alva den 2oaten Augustus den jongen graaf van Buren vriendeüjk in zijn kwartier ontvangen en diens Fransche begroeting 'in het Spaansch minzaam beantwoord; ook Hoorne en de Mansfelds kwamen er den hertog begroeten, bij wien zich Aremberg, Megen en Berlaymont reeds bevonden evenals Egmond en Aerschot. De trouwe hofmeester van den jongen graaf, Heinrich von Wiltpergh, beproefd katholiek dienaar van het Huis Nassau, schreef den Prins uitvoerig over den gunstigen indruk, dien bij persoonlijk van Alva's optreden had ontvangen, zoodat hij zijn meester dringend aanried volgens het beginsel „chacun pour soi, Dieu pour nous tous" ook, evenals zoo velen, .quelque intelligence" met den machtigen hertog aan te binden ten einde dezen, die daartoe wel bereid scheen, gunstig

Sluiten