Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit eenige honderden folio-vellen papier, en dus tientallen kilo's wegende !

Tot het onderzoek van de geloofsbrieven wordt niet overgegaan door de Tweede Kamer, „dan nadat zij van alle leden „zijn ingekomen", zegt art. 132 ; de verzameling dier geloofsbrieven van 100 leden, gelet op den omvang en de zwaarte dier brieven, zal dus een belangrijke ruimte innemen.

In weerwil van het geciteerde uit de M. v. T. wil het ons voorkomen, dat bij de woorden uit art. 127 : „en van de processen-verbaal der stemming" door den wetgever niet genoegzaam is stil gestaan.

Intusschen, wijl een andere meening dan de door ons voorgestane niet wel denkbaar is met het oog op de duidelijke redactie van art. 127, ie lid, zal de Voorzitter van het hoofdstembureau goed doen, reeds vóór de stemming met dat voorschrift rekening te houden. Hij kan aan den kolossalen arbeid, welken het gereedmaken dier afschriften vordert, voor een groot deel tegemoet komen, door een genoegzaam aantal exemplaren van een uniform proces-verbaal (model VII) te doen drukken met de namen der candidaten (lijst no. 1, lijst no. 2, enz.)

Bij de toezending der blanco-stembiljetten voor de stemdistricten zou dan een zeker getal ex. ter beschikking van elk der stembureaux gesteld kunnen worden, met verzoek, één dier ex. voor het proces-verbaal in originali te gebruiken, en met verzoek aan den Burgemeester, een aantal afschriften ter secretarie zijner gemeente te doen vervaardigen om die, b.v. uiterlijk den 2en dag na de stemming (gecollationneerd doch owgeteekend), aan den Voorzitter van het hoofdstembureau op te zenden. Ook in deze geldt dan, dat „verdeeling van arbeid het werk licht maakt".

Bewijs van ontvangst.

Binnen drie dagen na de ontvangst van de afschriften, die den benoemde tot geloofsbrief strekken, zendt deze daarvoor een bewijs van ontvangst, en van dien datum af begint de termijn te loopen, binnen welken de benoemde zich omtrent de aanneming moet verklaren. Dat bericht moet binnen vier weken gezonden worden aan den Voorzitter van het centraal stembureau.

Bij niet-aanneming of bij verzuim houdt dat bureau binnen 14 dagen op nieuw eene openbare .zitting, waarin ter vervulling van de vacature eene aanwijzing gedaan wordt uit de overige nog in leven zijnde en geen zitting hebbende candidaten, overeenkomstig art. 129 der kieswet.

Hetzelfde geldt bij het ontstaan van eene vacature in den

Sluiten