Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er is geen hooger drang tot volmaking, geen beter waarborg van soliditeit..

Zoolang de bijzondere school alleen stond, zonder subsidie voort moest werken, vergenoegde men zich met schouder ophalen. Dat kan toch niets zijn; kijk zulke gebouwen eens; de onderwijzers zijn toch zeker minder ontwikkeld, op de paedagogische vergaderingen slaan ze een pover figuur; en de ouders, och die geven in den grond der zaak niet om goed onderwijs; als hun kinderen maar goed roomsch of goed orthodox worden, dan vinden die ouders het al gauw goed, en daarom doet men op die scholen ook niet anders dan gebeden opzeggen of psalmen zingen. Die scholen kunnen geen enkelen waarborg geven van voldoende algemeene ontwikkeling, van voldoende voorbereiding voor het leven, of voor het vakonderwijs. En zou men aan zulke scholen nog staatsgeld moeten geven, zonder een enkelen waarborg, dat het geld goed besteed wordt? Die minachting, die geringschatting, dat wantrouwen heeft het confessioneel onderwijs jarenlang achtervolgd en is in geschrift, gesprek en vergadering onafgebroken gedebiteerd.

Bleken dan in Raden, Staten en Kamers de vertegenwoordigers van die groepen zulke stumpers; kwam dan in het leger, op de vloot, op de markt en op het land. in de fabriek en in de schuur hun minderwaardigheid zoo uit?

En bij elke wetswijziging was voor sommigen elk betrachten van rechtvaardigheid onmogelijk gemaakt door het ontbreken van alle waarborgen, tot zelfs bij het initiatief voorstel-Lohman toe, toen de onderwijzers bij het bijzonder onderwijs geen behoorlijk salaris mochten hebben, omdat de noodige waarborgen ontbraken voor de goede besteding van de gezamenlijke belastingpenningen. Al kan ik mij niet onttrekken aan den indruk, dat het roepen om waarborgen vaak was het ijdel pogen om een stok te vinden teneinde er den hond mede te slaan, toch stel ik mij zelf den eisch de waarborgen-kwestie goed te onderzoeken. Want per slot van rekening vraag ik toch ook van de school, waaraan ik mijn kinderen toevertrouw, de waarborgen voor goed onderwijs.

De Heer Ter Laan, onderwijsman bij uitnemendheid heeft in de zitting van de 2e Kamer der Staten-Generaal van 25 October 1916 terecht gezegd:

„De leerlingen van de bijzondere school hebben even goed den strijd om het bestaan, den levensstrijd te voeren, als de

Sluiten