Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zouden zijn verdwenen. Bovendien sta ik, naar ik meen, genoegzaam op den bodem dei feiten om et niet aan te denken den middenstand in dit tijdsgewricht aan te raden ook maar één geoorloofd middel van verweer ongebruikt te laten, laat staan weg te werpen. Ik ben mij daarbij ook van mijn verantwoordelijke positie ten aanzien van den middenstand te goed bewust. Zoo lang de toestanden zich niet radicaal wijzigen, zal ik zelfs krachtig blijven meewerken om den middenstand, waar het noodig is, aan dit wapen te helpen.

Maar dat neemt niet weg, dat ik onomwonden mijn meening kan zeggen over de eindelijke doelmatigheid van het middel; dat ik mij zelfs genoodzaakt zie te waarschuwen tegen de gevolgen, die de toepassing van de coöperatie op den duur met zich zal voeren. Ik zal daarbij groote beperking in acht nemen.

En dan zij maar aanstonds vooropgesteld, dat het middel der coöperatie een wapen is van den klassenstrijd, dat dit middel den winkelstand wel in handen kan worden gegeven om zich tegen den aanval van andere klassen te verweren, maar dat zoodra de economische maatschappij zich voldoende in organische richting ontwikkeld heeft, zoo spoedig mogelijk van dit middel afstand moet worden gedaan.

Het is nu ongeveer een eeuw geleden, dat de heillooze gedachte zich baan brak, dat bepaalde groepen 'van distribuenten en producenten overbodig waren in de maatschappij. „Verbruikers'* — vergetende, dat zij ook in eenigen tak van productie werkzaam waren! — sloten zich aaneen om den winkelstand uit te schakelen. Zij konden toch als groote groep bij de grossiers of fabrikanten terecht! Die onbekookte gedachte heeft in de anarchistische maatschappij der negentiende eeuw doorgewerkt. De winkeliers, althans gedeeltelijk bedreigd door de gevormde verbruiksvereenigingen, waren van meening, dat men de grossiers best kon missen. Bij voldoende aaneensluiting zou men het bij den fabrikant kunnen probeeren. Een ambtenaar van de gezamenlijke winkeliers zou de grossiers gemakkelijk vervangen.

Merkwaardigerwijze begon dit coöperatie-proces nu ook van den anderen kant. Wat hadden de boeren met fabrikanten te maken? Coöperatieve melk-en boterfabrieken zouden den frabrikant uitschakelen. Waarom een zelfstandigen grossiersstand aan de kaas laten verdienen? Men kon rechtstreeks aan de winkeliers leveren! Maar waarom de winkeliers nog langer „bevoordeeld", aldus later

Sluiten