Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gedeputeerd Grootmeester en Regent der Stichting, die taak welwillend op zich. In tegenwoordigheid van vele genoodigden werd bijgaande oorkonde ingemetseld onder passende toespraken en het gezang der kinderen.

Inmiddels was het gebouw in de Nobelstraat ontruimd, en was de Stichting verhuisd naar het Bezuidenhout 14. Vóór nog deze verhuizing plaats had, nam de Heer Hempenius ontslag als directeur der Stichting, wegens eene benoeming aan de Rijksopvoedingsgestichten te Alkmaar. Hij werd opgevolgd door den Heer J. M. Kosten, die met zijne Echtgenoote ruim vijftien jaren aan het hoofd der Stichting gestaan heeft.

Toen de kinderen op den 2osten Augustus 1888 van hunne zomervacantie terug kwamen, kon het nieuwe gebouw betrokken worden. Het bestuur, van meening, dat dit in gebruik nemen in allen eenvoud moest geschieden, had aan een inwijdingsfeest niet gedacht.

Aangenaam werd het evenwel verrast op den oden September daaraanvolgende, toen Regenten, samengekomen voor eene vergadering, ontvangen werden door eene deputatie uit oud-pupillen. Deze deputatie geleidde Regenten naar de eetzaal, waar een veertigtal Oud-verpleegden hen wachtte.

Daar werd het bestuur een vaandel aangeboden, dat in de bestuurskamer der Stichting eene blijvende plaats gevonden heeft.

Na het betrekken van het gebouw aan het Alexanderplein nam het leven in de Stichting die richting aan, waarin het tot heden nög wordt geleid.

Vele vrienden, die de nieuwe woning met een bezoek vereerden, prezen de doeltreffende , maar eenvoudige inrichting en niet het minst den overvloed van licht en lucht, waarin zij zich mag verheugen (Jaarverslag 1888), en in het jaarverslag 1889 deelen Regenten mede, dat het gebouw zeer goed aan de verwachting beantwoordt.

Het 25-jarig bestaan der Stichting werd op den 26ste" Mei 1894 op recht huiselijke wijze herdacht.

Hoe gaarne hadden Regenten .alle vrienden en vriendinnen der Louisa-Stichting uitgenoodigd daarbij tegenwoordig te zijn, maar dat liet de ruimte niet toe. Hetaan. tal uitnoodigingen kon niet anders dan zeer beperkt wezen. Behalve alle oud-Regenten en vele oud-pupillen, waren de beide Grootmeesters G. Vas Visser en S. M. Hugo van Gijn tegenwoordig. Na een hartelijk welkom van den directeur, hield de oudpupil Herman de Groot een feestrede, die getuigde van den sterken band, die er tusschen Louisa-Stichting en hare oud-pupillen bestaat.

Bij deze gelegenheid ontving de Stichting een fraaie Lipp-vleugel ten geschenke, tengevolge van de oproep door Br.-. Zegers Veeckens, redacteur van L'Union Fraternelle, in dit tijdschrift geplaatst. De oud-pupillen boden Regenten een paar kristallen, met zilver gemonteerde inktkokers op zilveren plateaux ten geschenke aan, terwijl ook Directeur en Directrice een blijk van waardeering ontvingen.

Sluiten