Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De principieele grief nu, die in het praeadvies van B. en W. breedvoerig werd ontwikkeld, luidt aldus dat de invoering van dergelijke besteksbepalingen de Overheid zou „nopen een schrede te zetten op een nieuwe baan, eene baan die leiden moet tot hare inmenging in de regeling van loonen en prijzen en haar daarmede andermaal zou brengen op een gebied, waarop hare onmacht toch zoo vaak gebleken is en hare tusschenkomst telkens onheil heeft veroorzaakt."

Bij de behandeling in den Amsterdamschen gemeenteraad werd een gelijk standpunt ingenomen in de Nota van den heer Co hen Stuart die het argument: „de Gemeente ga voor, de particuliere werkgevers zullen dan spoedig volgen" trachtte te ontzenuwen met de opmerking : „even goed kan men aan de Gemeente den raad geven om dagelijks eenige duizenden kilogrammen brood tot de helft of twee derden van den gewonen prijs beschikbaar te stellen: de Gemeente ga als broodleveran■cier hierin voor, de particuliere broodfabrikanten zullen spoedig dat voorbeeld volgen."

De fout van dergelijke beschouwingen is dat uit het oog wordt verloren dat de gemeente indirect als werkgeefster optreedt en moet eischen dat de arbeidsverhoudingen van de werklieden die bij door haar aanbestede werken betrokken zijn althans niet achterstaan bij die welke bij de goede patroons in het particulier bedrijf worden aangetroffen.

De tegenwerping alsof èn gemeente èn patroons èn werklieden daardoor schade zullen bekomen, aanvaarden we niet. Overzien wij slechts de positie der betrokken partijen.

Dat de Gemeente nadeel van dergelijke besteksbepalingen zal lijden schijnt nog het meest aannemelijk.

Sluiten