Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in hoogteligging brengt mee verschil in temperatuur, vochtigheidstoestand, lichtsterkte en luchtdruk, welke bijna alle invloed hebben op den groei der planten. Op 900 meter is de groei der Ledgers, gedurende de eerste jaren, sneller en dientengevolge de bastproductie grooter, dan op hooger gelegen terreinen; doch de boomen bereiken daar niet zoo'n hoogen leeftijd als b.v. op 1700 Meter. Boven 1850 Meter is de groei uiterst langzaam; op het etablissement Kawah Tjiwidei der Gouv's Kina-onderneming, gelegen op het gebergte Kending-Patoeha op 1950—2000 Meter, werd een paar malen een proefaanplant aangelegd, doch het is niet gelukt deze op den duur in stand te houden; de boom heeft op die hoogte groote neiging om den heestervorm aan te nemen. De C. succirubra is niet aan deze zelfde grenzen gebonden; zoowel in lage als in hooge streken gedijt deze soort goed, ofschoon in de eerste de groei ook weer sneller is. Een mooie aanplant bevindt zich op bovengenoemd, hooggelegen etablissement en, als ik mij goed herinner, was het op Padang in den tuin van het militair hospitaal, dus vlak aan zee, waar een volwassen en flink ontwikkeld exemplaar werd aangetroffen.

De opgegeven hoogtegrenzen gelden alleen voor Java, +7° Zuider-breedte; voor plaatsen die verder van den evenaar gelegen zijn, moeten deze cijfers natuurlijk lager genomen worden.

Analyses hebben mij steeds bewezen, dat de hoogteligging alleen geen invloed heeft op het gehalte der basten. Een kinaaanplant op 900 Meter geeft een bast met hetzelfde gehalte als een aanplant op 1800 Meter, gekweekt uit hetzelfde zaad of van dezelfde enten, mits de gronden van gelijke kwaliteit zijn. In Amerika beweerden de cascarilleros, dat de kinaboomen des te waardevoller waren, naarmate zij hooger groeiden l6); vermoedelijk waren zij tot deze conclusie gekomen door vergelijking van verschillende kinasoorten, en niet van dezelfde.

Het klimaat kan zoowel in de bastproductie, als in het gehalte verschillen veroorzaken. Op plaatsen waar groote perioden van droogte voorkomen, afgewisseld door zware stortbuien, en ook daar, waar veel regen valt en zonneschijn. zeldzaam is, verkeeren de boomen in ziekelijken toestand, waardoor hun groei belem-

Sluiten