Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kalkgehalte; dit wisselde af van 0,089 tor- 0,76%. gemiddeld 0,23% 23)-

Van Leerstjm bepaalde in 1898 het stikstofgehalte van eenige grondsoorten te Lembang; hij vond 0,36—0,94 °j0 in den ondergrond en 0,48—0,99% in den bovengrond; het gehalte was hooger of lager naar gelang de aanplant goed of slecht stond 24).

In 1904 tijdens mijne werkzaamheid als wd Directeur der Gouvts Kina-onderneming, werden aldaar door Dr. Viètor Sibinga eenige volledige grondanalyses verricht. Aanleiding daartoe was een door v. Leerstjm geconstateerd verschil in gehalte bij een entenaanplant, gelegen op een bergrug op de onderneming Tjikembang (Wajang-gebergte); de boomen van de noordelijke helling hadden een lager gehalte (7 °/o zwavelzure kinine) dan die der zuidelijke (8,45 °/0 zw- kinine), terwijl zij ook veel schraler stonden; volgens v. Leersum, öf een gevolg van een verschil in bodemgesteldheid, óf van de op de noordelijke helling heerschende winden.

De analyses, zoowel van de boven- als van de ondergronden, gaven in beide gevallen weinig belangrijke verschillen (magnesiaen man gaan gehalte) aan in de samenstelling, zoodat hieruit geen conclusie kon worden getrokken. Hetzelfde resultaat werd verkregen bij analyseering der gronden van een pas ontgonnen en beplant terrein en die van een terrein, waarop reeds bijna 40 jaar kina gecultiveerd was (slechts kleine verschillen in het gehalte aan kalk, zwavelzuur en chemisch gebonden water werden geconstateerd) 25).

In denzelfden tijd, als op de Gouvts Kina-onderneming, werden, volgens een mededeeling van Dr. van Gorkom, op een particuliere onderneming proeven in deze richting genomen. De groei der kina liet daar op sommige terreinen te wenschen over en het kininegehalte was terugloopend. Op rationeele wijze werden monsters aarde genomen en deze te Wageningen physisch en chemisch onderzocht. „De uitkomsten van dit onderzoek," schrijft van gorkom, „konden weinig of geen licht ontsteken over de vraag, waaraan hier de tekortkomingen kunnen toegeschreven worden, maar mocht men een mogelijke oorzaak zoeken willen, dan zou het kunnen zijn dat deze gelegen was in een tekort aan phosphorzuur in de slechtste gronden." Bij de hieropvolgende

Sluiten