Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet is, wat velen op gezag van-, of beïnvloed door dr. Kuyper meenen.

Nog vóór de stembus van verleden jaar meende „De Rotterdammer" te moeten waarschuwen tegen het verderfelijke van het speculeeren op kerkelijke hartstochten, waardoor de politieke strijd op onwaardige wijze vertroebeld wordt

Hier zij in het midden gelaten, of dit blad al of niet gegronde redenen had om' de houding van dommige woordvoerders der ChristeEjk-HiBtorische Unie" te wraken.

Het was al weer ,;De iNiederlander", <üe 'de a.-r. partij verdedigde (tegenover hen, die door haar leider op een dwaalspoor gebracht waren.

Het c.-h. orgaan schreef o.m.: *)

„Het spreekt wel vanzelf, dat pok wij het speculeeren op kerkelijke hartstochten ten scherpste afkeuren; geen blad is meer beslist dan het onze [daartegen ingegaan, en ons Program van Beginselen houfllt niets jn, wat wijst op hetgeen, volgens bovengenoemd blad („De R^terdamimer"), door sommige chr.-hist woordvoerders wordt verkondigd."

„Wij mogen niet nalaten er op te wijzen, dat de A.-R. partij, inzonderheid haar leider, zelve de oorzaak is, dat deze misvatting bij velen ontstaan is." I

„Zonder eenigen twijfel bevat pok het A.-R. program van beginselen niets dat leiden kan tot conclusie, dat „de A.-R. partij de vergaderplaats is van leden der Gereformeerde Kerk"; verscheiden leiders dier partij behooren tot de Hervormde Kerk, eni al behooren de meesten dezer iwaarschijnlijk tot de Gereformeerde richting in die kerk, toch is dit nimmer als eisch voor lidmaatschap van die partij gesteld."

„Hoe komt het dan, dat zoovelen, althans velen, het verschil tusschen christel^k-hastorischen en anti-revolutionairen allereerst meenen te zien in het "verschil van kerkgenootschap?"

De strekking van het antwoord van „De Nederlander" laat zich al raden. Tot ons leedwezen moeten wij; erkennen, dat de fout aan a.-r. zijde, bijl dr. Kuyper schuilt.

Waartoe ook dat nadruk leggen op de „Calvinistische beginselen"? Terecht heeft Lohman hiertegen verzet aangeteekend.

1) De Nederlander, 9 Haart 1916.

Sluiten