Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in der oogen klare diep ; en ook gewone menschenkinderen meenen, vooral in verliefde dagen, door het venster der oogen te kunnen binnenkijken tot onder in de ziel van hun geliefde toe.

Bij nuchter toezien echter verwaast die schoone droom.

Dat de oogen veel kunnen uitdrukken is buiten , kijf ; maar dit geschiedt niet, gelijk men graag zou gelooven door een onbegrijpelijk-mysterieuze metamorphose van den oogappel of de hoornhuid zelf, maar door eenige zeer eenvoudige samentrekkingen van de wenkbrauw-, kringen ooglidspieren, waarin het eigenlijke oog verdoken ligt.

De richting van het oog is van groot belang : Bezien wij iets nauwkeurig van nabij, dan buigen de oogassen samen (fig. 7a), zien wij in de verte dan loopen ze parallel (fig. 7b), staren wij omhoog in het eindelooze blauw dan buigen ze misschien zelfs een beetje naar buiten (fig. 7c en fig. 8b). In het eerste geval is onze blik vast, sprekend van energie en vastberadenheid. De tweede oogstelling heeft iets afwachtends, iets vragends. Boven het uitspansel der hemelen heeft de mensch altijd den oneindigen Machthebber gezocht, naar boven gaat dus zijn blik als hij gelooven, vertrouwen of bidden wil. Maar ook een verheven gedachte, muzikale verrukking, en po√ętische extase staren omhoog. Hierbij wordt dan natuurlijk veel oogwit zichtbaar, en dit vertaalt voor den beschouwer het verheven of godsdienstig gevoel.

Wil men ongemerkt iets begluren, dan drukt zich die dubbelzinnige stemming duidelijk in onze mimiek uit (fig. 7d en fig. 8a). Van den eenen kant toch wil men alle aandacht van anderen vermijden, men staat stil, het hoofd voorover gebogen, maar van den anderen kant gaat onze opmerkzame blik schuin omhoog naar het voorwerp der nieuwsgierigheid. Wantrouwende belangstelling of

Sluiten