Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Als onze letterkundigen zóó eens Vondels verzen gingen skandeeren x), dan geloof ik dat er binnenkort over Vondels klankexpressie een lijvig boekdeel te schrijven was met een schat van resultaten, waarbij dan Verwey's poovere opmerkingen over Cupido en dedood c.s. in verlegen schamelheid aan 't blozen zouden slaan. Maar ach, onze letterkundige kritici, ook de nieuwere ! gaan nu eenmaal niet graag buiten platgetreden paden !

Maar dit geldt niet slechts de poëzie. Ook het proza leeft alleen door rhythme van gevoel. Zwaardemaker heeft terecht opgemerkt, dat de onuitstaanbaar monotone zegmanier van saaie menschen alleen en uitsluitend aan 't gemis van rhythmische struktuur te wijten is. En is het u nooit overkomen, om ook het omgekeerde te doen opmerken, dat in een gewoon gesprek plotseling iets gezegd werd, dat zóó levend raak leek, dat gij er van versteld stondt, en dan toch later (als ge er op terugdacht en gij u alleen de abstrakte idee van den zet herinnerde) er niets meer dén vondt. Geloof mij, dan was die zet zoo raak om z'n rhythmische harmonie met de oogenblikkelijke gemoedsbeweging.

En bij schrijven ! ? Willen wij levende taal schrijven, dan hebben wij onze woorden en konstrukties zoo te kiezen en te modeleeren en bijeen te passen en ineen te strengelen, dat óm de andere of óm telkens twee drie lettergrepen er één geschikt is om iets meer intensiteit te velen dan de omstaande ; en dat de hoofdakcenten der konstrukties dan gedragen op de deining van hun omgeving: samen uitzingen het rhythme onzer bewogen ziel. En nu begrijpen wij tevens, waarom koude, botvoelende naturen toch altijd weer zulke houterige

') Een mooi begin maakte Salsmans in zijn studie over Klank en rhythmus in Vondel's Lucifer. Leuvensche Bijdragen Deel IX 1911 blz. 183 vlg.

Sluiten