Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wèl treden er weer tijdperken van reaktie in, zooals b.v. door de autonome ontwikkeling der instrumentaalmuziek aanvankelijk een uit-elkander-gaan te konstateeren viel, maar spoedig herstelt zich weer de band.

Na deze kultuurhistorische inleiding zullen wij de volgende feiten en vergelijkingen tusschen muziek en taal op hun juiste waarde weten te schatten.

In 't algemeen beantwoordt de stijgende toonhoogte in de taal aan dezelfde opgewekte levendigheid en exaltatie die het finaal akcent kenmerkt.

De exclamatie Der Feind ist besiegt noteert Wundt aldus :

De dalende melodie komt in 't ruwe met 't initiaal akcent in z'n rustige, depressieve kalmte overeen.

Denzelfden zin, als gewone mededeeling bedoeld, noteeren

„Attollitur vox concitatis affectibus, compositis descendit," zeide reeds Quintiliaan.

Onwillekeurig zullen wij dus, als we gezegd hebben wat ons op het hart lag, en ons gemoed derhalve tot rust komt, op het einde onzer zinnen naar den grondtoon dalen. En dit princiep is nu niet alleen in het natuurlijk lied, maar ook in de instrumentaalmuziek tot algemeene erkenning gekomen. Elk stuk eindigt met den grondtoon.

Nederlandsche Kunst II 8

Wundt en Schmidt respectievelijk :

Sluiten