Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Verder moet voor deze studie weer de pathologie hare diensten leenen. Zoo weten wij van Séglas dat neerslachtige melancholici een monotoon vervelend toontje hebben, dat de paralytici meest zeer laag en heesch spreken, terwijl de manie-lijders emphatisch-theatraal hun stem verheffen en varieeren. Kraepelins konstateering komt hier geheel en al mee overeen. Maar dit zijn weer niets dan algemeenheden, die ongetwijfeld nuttig zijn om ons den weg te wijzen, maar niet bevredigen. Al deze soorten van zieken moeten weer systematisch worden onderzocht ; zorgvuldig moet het steeds afwijkende van het immer-terugkeerende worden afgezonderd om ook hierin tot definitieve resultaten te geraken. Welnu, daaraan is reeds door Sommer, en wordt ten onzent thans door Bouman gewerkt. Wij wachten hunne resultaten met hoop.

Ook de amusie moet hier natuurlijk worden uitgebuit. Wat Wallaschek en Piek hierover bijeenbrachten, is echter juist genoeg om ons zeer nieuwsgierig te maken; maar het psychologisch probleem, dat ons bezighoudt, wordt er nog niet door voortgeholpen. Wèl blijkt hier al zeker, dat het gevoel voor rhythme een andere psychologische faktor is als het muzikaal gevoel, daar beide afzonderlijk kunnen uitvallen, maar dit was a priori ook al zóó waarschijnlijk dat niemand er aan twijfelde.

Maar wat nog veel harder noodig is : ook hier moeten wij het bij geen toevallige konstateeringen laten, ook hier moeten wij niet blindelings vertrouwen op het vluchtig gebruik onzer zintuigen, ook hier moeten wij eindelijk eens experimenteel gaan ingrijpen, 't Komt er weer maar op aan : hoe ? Rousselót, Hensen, Scripture, Meyer, Gallée en Krüger vooral hebben met gekompliceerde instrumenten, het een al fijner dan het ander, al de trillingen gemeten van een poover aantal zinnetjes, ééns gesproken — al of niet

Sluiten