Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar ten tweede hebben wij in ons tweede gedeelte de autonome fasen van het gevoel zelf aan het woord zien komen, en in zien grijpen in al onze bewegingen. Er moet dus een oorzaak zijn voor dat gevoelsrhythme, dat we van organisch standpunt als een storing moeten opvatten. En de periphere gevoelstheorie zondigt hier dus door een onvergeeflijke schennis van het causaliteitsbeginsel.

Maar ten derde — en op deze feiten konden wij slechts zijdelings henen wijzen — wij zagen dat bij hemiplegie, diplegie en andere pathologische gevallen de gevoelsuitingen onmogelijk werden, maar het gevoel deed zich voelen even sterk, na als voor. Wij kunnen dus Paul Sollier reeds bijstemmen als hij in z'n laatste boek, dat bijna heelemaal aan dit twistpunt gewijd is, konkludeert dat de theorie van James, Sergi en Lange een groote dwaling is gebleken, die alleen nog voor de geschiedenis der philosophie van belang is.

Neen, er leeft in ons een zelfstandige gevoelsneiging, van zinnelijke neiging en geestelijk gemoed, er leeft in ons een blinde, voor wien bittere kou en bittere spijze juist hetzelfde is, die doof en ongevoelig voor al het uiterlijke, alleen voor zich zelf schijnt te bestaan, en alles noodwendig niet dan subjektief kan vatten, die zich wringt en keert, die zwelt en slinkt, in spanning en viering, in golving en deining, door al de sferen van zijn arbeid heen, waartusschen hij op en neder stijgt, wonder wezen, eenerzijds afspiegeling van Gods leven: inzoover God ook, alleen in den waren zin in Zich bestaat en alles doet om Zich Zelve, andererzijds door z'n voortdurende blinde beweging in scherpe tegenstelling tot den onbewogen Albeweger alles bewegend naar zijn Goddelijk klare Ideeën.

Maar nog een verdere vraag zweefde mij voor : Wat zijn dan die autonome sferen van arbeidsverrichting ? Wat zijn

Sluiten