Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een ommezien tijds werden ultimatums als strooibiljetten uitgeworpen, werd' in telegram-stijl onderhandeld over de hoogste belangen der volken, met dit gevolg, dat binnen den tijd van veertien dagen geheel Europa onder de wapenen stond en een oorlog losbrak, geweldiger en onheilspellender dan ooit te voren gevoerd werd. En dit alles gebeurde onder de aanhoudende verzekering van elk der groot-machten, dat zij den oorlog niet wenschen, dat alles in het werk was gesteld om hem te voorkomen. Een bekentenis van onmacht die te denken geeft.

Met dit al bevinden wij ons nu in een oorlogstoestand, die de beschaving eeuwen terugzet, in een toestand dus die lijnrecht ingaat tegen den natuurlijken ontwikkelingsgang van den nieuwen tijd. Juist hierom is de ontwrichting die deze oorlog naar alle richtingen heen teweeg brengt, zoo geweldig, overtreft hij in omvang en beteekenis alles wat de geschiedenis van dien aard tot dusver geboekt heeft. Hij is het reuzenconflikt waarin letterlijk alle overige tijds-conflikten betrokken zijn. Een niet te ontwarren samenstel van tegenstrijdigheden zoo men den algemeenen ondergrond, den strijd van oud tegen nieuw, van verleden en toekomst uit het oog verliest. De wereld-oorlogstoestand van 'nu, dit schrikbewind van een imperialistisch-militarisme is behalve een worsteling om macht, een strijd om de markten der wereld, om bezit, om opperheerschappij ter zee en op het land, een wanhoopsdaad der keizerrijken, die met de nieuwe beginselen van den nieuwen tijd hun troon bedreigd, hun systeem van regeeren veroordeeld weten.

Immers reeds diep geworteld is de overtuiging, ja, dagelijks meer dringt het besef door, dat de verouderde politiek der groote mogendheden, dat de hedendaagsche diplomatie, dat de sociaalekonomische inrichting der maatschappij, dat de wetten niet langer in Overeenstemming zijn met de materiëele en geestelijke ontwikkeling der menschen in hun samenleving. — Deze disharmonie bereikt haar toppunt in den oorlogs-toestand en de algemeene ontwrichting die haar op den voet volgt. Het natuurlijk levensrecht der volkeren, het levensgebod van leven en laten leven, wordt niet straffeloos op zóó roékelooze wijze overtreden. Voor geen enkel der oorlogvoerenden kan de zegepraal van het oogenblik een zegepraal voor de toekomst beteekenen, indien niet een nieuw geweten in hen ontwaakt. Het zijn niet politieke en sociaal-

Sluiten