Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

intellektueel bewustzijn, dat voor daden .rijp geworden, in 1905 een revolutie deed losbarsten. Deze revolutie voorloopig teruggeslagen door de vereenigde macht der binnen- en buitenlandsche reaktie, verhief zich in het derde oorlogsjaar opnieuw, in lijden gestaald, met een doorzettingskracht die de wereld heeft verrast.

De opstand in Rusland heeft zich, gesteund door een intellektueel proletariaat dat zeer groot is in aantal en degelijk van gehalte, snel weten te organiseeren tot een federatieve gemeenschap, die tracht een nieuwe orde van zaken, van bestuur te scheppen en te handhaven.

Het .Slavische ras, aan welks begaafdheden niet langer te twijfelen valt, dat vooral in Rusland in dte laatste helft der 19e eeuw tot een hoogen graad van ontwikkeling was gestegen, dat in kunst, literatuur, wetenschap en bovenal in revotutionnair bewustzijn in Europa vooraan stond, zal, nu het Tsarisme gevallen is, zich in de rij der naties zeer zeker een eereplaats weten te veroveren.

Het doet dan ook eenigszins belachelijk, om niet te zeggen ergerlijk aan, wanneer de pers der andere landen van Europa, hetzij der bondgenooten, vijanden of neutralen in ietwat beschermenden toon durft spreken van dit jonge Rusland dat hen allen in inzicht en moed verre overtreft. Wij denken hier onder anderen aan de opvallende dwaasheid van een Harold Williams, correspondent te Petersburg van de Daily Chronicle, waar hij de Russische organisatie verwijt dat zij de hechte basis mist waarop de Duitsche sociaal-demokratie berust! Een basis, die, wij weten het allen, op het kritieke moment der oorlogsverklaring wegzonk in het moeras van het chauvinisme en andere averechtsche opvattingen.

Maar deze Engelschman staat niet alleen in zijn kortzichtigheid. Weerzinwekkend in hooge mate was bijv. gisteravond (21 Juli) in het avondblad der „Nieuwe Courant", wat in de „De Dag" ten beste werd gegeven over de weigering van de Russische regimenten tot den aanval bij hervatting van het offensief.

Men moge nu tegenover het tragisch dilemma waarin het jonge Rusland zich bevindt, ten opzichte dezer kwestie van een afzonderlijken vrede, of voortzetting van het offensief, denken wat men wil, men kan niet anders als eerbied koesteren voor den soldaat die volgens zijn overtuiging handelt en over de partij der maxima-

Sluiten