Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verplichting dan algemeen voor alle particulieren gelden, zonder onderscheid. Aldus zou men echter, gelijk de Minister van Justitie in zijne Memorie van Antwoord opmerkte, „aan het wettig gezag de zoo waardevolle gelegenheid benemen om telkens wanneer bij iemand, in wiens handen een vuurwapen bedenkelijk is te achten, het onbevoegd voorhanden hebben van wapenen is geconstateerd, een bijzonder l), niet algemeen, bevel tot inlevering van het wapen te geven. De bevoegdheid daartoe kan toch bezwaarlijk worden gemist. Om die te vestigen moet de kans op willekeur in den koop worden genomen. En is die kans nu inderdaad zoo groot? De ondergeteekende betwijfelt het. Hoe zal de loop van zaken zijn? De politie geeft aan een bepaald persoon een bevel tot inlevering. Deze vraagt aanstonds machtiging. Wordt hem die geweigerd, dan staat hem beroep open bij den Commissaris der Koningin. Weigert ook deze, dan is er toch inderdaad alle reden om aan te nemen, dat de aanvrager niet is iemand, bij wien een vuurwapen vertrouwd is. En, let wel, reeds volgens de z. g. Wapenwet 2) hangt het in het algemeen van den Commissaris der Koningin af of een particulier al dan niet een wapen op den openbaren weg of op eenige voor het publiek toegankelijke plaats bij zich mag hebben. Van willekeur ten deze is, voor zoover den ondergeteekende bekend, nimmer gebleken. Daarbij komt, dat bij bijzondere gebeurtenissen ook het wetsontwerp een algemeen bevel tot inlevering wil laten geven, m. a. w. een algemeenen inleveringsplicht wil vestigen."

Ik voeg hieraan nog toe, dat een regeling, „die meer rechtvaardig is voor allen", ook niet in dien zin had kunnen worden gevestigd, dat allen particulieren het voorhanden hebben van vuurwapenen zou zijn verboden. Wellicht ware het belang der openbare orde daarbij gebaat, doch nevens staats- en gemeenschapsbelangen moeten ten deze ook individueele belangen wegen.En zoodra men erkent, dat redelijke belangen, als daar zijn bescherming van persoon of goed, uitoefening van de jacht, verfraaiing van zijn woonvertrekken, of wat dies meer zij, in bepaalde gevallen het voorhanden hebben van een of meer vuurwapenen door particulieren kunnen vorderen, komt men onvermijdelijk tot een stelsel van machtigingen, bij het verleenen waarvan kans op willekeur natuurlijk niet geheel is uit te sluiten. Wel te verminderen, door n.1., gelijk in de wet is geschied, den administratieven rechtsgang behoorlijk te regelen. De wetgever had de kans op willekeur wellicht nog iets meer kunnen verkleinen, door n.li in de wet de gronden voor weigering, schorsing en intrekking eener

1) D. w. z. enkel tot dien persoon gericht (noot van den schrijver).

2) Artikel 3 onder 9°.

Sluiten