Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gezellende personen, te allen tijde vrijen toegang tot1aj^nlaatsenJ<. Waar redelijkerwijs vermoed kan worden, dat vuurwapenen of munitie aanwezig zijn.

Wordt hun de toegang geweigerd, dan verschaffen zij zich dien desnoods met inroeping van den sterken arm.

Is de plaats tevens eene woning of alleen door eene woning toegankelijk, dan treden zij deze tegen den wil des bewoners niet binnen dan op algemeenen of bijzonderen schriftelijken last van het hoofd van plaatselijke politie of in tegenwoordigheid hetzij van dat hoofd, hetzij van den kantonrechter, hetzij van een commissaris van politie.

Van dit binnentreden wordt door hen proces-verbaal opgemaakt, dat binnen tweemaal vier en twintig uren aan dengene, wiens woning is binnengetreden, in afschrift wordt medegedeeld.

Artikel 15.

De ambtenaren, in artikel 14 bedoeld, zijn te allen tijde bevoegd om in beslag te nemen zoomede om ter inbeslagneming het noodige onderzoek in te stellen naar en de uitlevering te vorderen van alle voorwerpen, welke tot ontdekking der waarheid kunnen dienen, of welker verbeurdverklaring, vernietiging of onbruikbaarmaking kan worden bevolen.

Betreden van 1. De artikelen 14 en 15 houden zeer ingrijpende bepalingen piamsen. omtrent toezicht en opsporing in. Een recht tot het betreden van alle plaatsen x) ,waar redelijkerwijs vermoed kan worden, dat vuurwapenen of munitie aanwezig zijn, wordt in artikel 14, tweede lid, den ambtenaren in de uitoefening van het aan hen bij artikel 14, eerste lid, opgedragen toezicht gegeven. Zij kunnen dat recht derhalve uitoefenen, ook anders dan ter opsporing van een bij deze wet strafbaar gesteld feit, zoo b.v. om te onderzoeken of er termen zijn om een bevel tot inlevering van vuurwapenen of van munitie te geven.

onderzoek 2. Daarentegen zijn de uitgebreide bevoegdheden, hun bij artikel uTvè*™ 15 toegekend, als een onderdeel van de opsporingstaak der ambte-

huiszoeking, ,

bevel tot naren aan te merken.

ïinTewai Onder „het noodige onderzoek" in dat artikel zijn onderzoek aan ,tUkken.»*< den lijve en huiszoeking begrepen. In het Voorloopig Verslag der Tweede Kamer werd op opneming van deze uiterst krasse bevoegdheden aangedrongen, een aandrang, waaraan de Regeering bij de

1) In het ontwerp van wet was aanvankelijk vrije toegang gegeven tot „alle plaatsen en tot alle voer- of vaartuigen, plaatsen of voer- of vaartuigen onder beheer van het Huk uitgezonderd". In het gewijzigd wetsontwerp werden de voer- of vaartuigen, a's zijnde ook plaatsen, als overbodig geschrapt, terwijl op aandrang van de Tweede Kam^ 5! uitzondering voor plaatsen onder beheer van het Rijk werd teruggenomen. ,,Nu onder de personen in 's Rijks dienst revolutionnaire elementen voorkomen ', achtte men in de Kamer die uitzondering ongewenscht.

Sluiten