Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Verband met art. 3, aanhef, der z.g. Wapenwet.

pen op den openbaren weg of op eenige voor het publiek toegankelijke plaats. Door het vervoer van een voorwerp dat geen wapen is in den zin van de z.g. Wapenwet, al is het wellicht wèl een vuurwapen in den zin van de Vuurwapenwet 1919 - neer*tbj en lossen grendel van een geweer, een enkelen geweerloop of eene enkele geweerkolf >) kan de hierboven bedoelde verbodsbepaling niet worden overtreden. Voor zoodanig vervoer is een geleibiljet niet noodig. Een consent van invoer, uitvoer, doorvoer of verC kan noodig zijn, doch dan alleen om de toepassehjkheid van een verbod van invoer, uitvoer, doorvoer of vervoer, en niet om de, immers ontbrekende toepasselijkheid van de z.g. Wapenwet uit te sluiten. Men vergelijke hierboven aanteekening 4 op artikel 1.

.... „ ''AtM o n A*r -j o- Wanenwet heeft

3. Na de wijziging weiKe artmei o ««. . r -6ondergaan, zaï het wellicht noodig blijken, dat van de bevoegd heid bij den aanhef van artikel 3 dier wet aan de hoofden der de ne ' J . 1 u^,r takend, n.1. om voorschriften

^^^Z^i^ welke openbare ambtenaren en beambten een wapen bij zich mogen hebben, meer d« «^« wordt gebruikgemaakt. Men denke b.v. aan het vervoer van een Lon over den openbaren weg. Een kanon behoort: «te^ niet tot de uitrusting van den artillerist, zoodat deze aan artikel 3 onder 2 der z g Wapenwet niet het recht kan ontkenen om een kanon by £1 te hebben. Tot dusver was hem dat ingevolge artikel 3 onder 7" dier wet geoorloofd, mits het kanon zoodanig was ingepakt dat het niet voor dadelijk gebruik kon worden aangewend. Doch artikel 3 onder 7». is thans gewijzigd en het zou bezwaarlijk aangaan, dat voor het vervoer van rijkswege van kanonnen, machineI weren, enz. telkens een geleibiljet zou moeten worderi ge De moeilijkheid kan aldus worden ondervangen, dat de hoofden der milita ren departementen een voorschrift geven of doen geven, Lhtens hetwelkdie militairen der betrokken wapens, die als^ bare ambtenaren of beambten kunnen worden aangemerkt bevoegd zi n om een kanon, een machine-geweer of wat verder-op het gebied van vuurwapenen niet tot hunne uitrusting behoort, by zich te hebben.

« 4. Men vergelijke bij dit artikel artikel 8 van het VuurwapenSSJS reglement

-^^T^nnnendle doelen tot een geweer[^J^^ W)dMérM aeKfvr^S&n c en d,

Sluiten