Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„De zaak is n.b.ni. eenvoudig genoeg, men zoekt er echter te veel „achter en streeft daardoor het doel voorbij. De grondhuurordon„nantie moet m.i. in de eerste plaats bestemd zijn voor den Inlander, „hij moet haar begrijpen, hi] moet de strekking en de beteekenis „ervan kunnen zien en vatten, zij moet daarom zoo eenvoudig mogelijk worden gemaakt, men moet daarbij rekening houden met de „geringe ontwikkeling van den Inlander, hij moet met zijn eigen „oogen kunnen zien hoe en in welke mate de ordonnantie hem be„schermt, hoeveel grond hij mag en kan verhuren; hij moet haar in „de practijk geheel kunnen volgen. Het verhuren op zich zelf, moet „daarbij zoo eenvoudig en gemakkelijk mogelijk worden gemaakt, „hij moet daarbij niet langer aan de willekeur van zijn desahoofden en het desabestuur zijn overgeleverd. De ordonnantie „moet zijn „ad Captum vulgi."

Was de ordonnantie van 1900 vrij ingewikkeld, gaf de interpretatie harer artikelen alsmede van haar voorschriften tot uitvoering, opgenomen in een geheel boekdeel, van Regeeringswege gedrukt ter Landsdrukkerij, veel hoofdbrekens aan ambtenaren, administrateurs en geëmployeerden van ondernemingen, zoodat een grondige studie van een en ander behoorde te worden gemaakt, wilde men het onderwerp behoorlijk beheerschen; van de nieuwe ordonnantie van 1918 — 3e verbeterde (?) editie — kan niet gezegd worden, dat zij ook daarin veel verbetering heeft aangebracht. Integendeel het geheel is nog uitvoeriger en wint daarbij bovendien ook niet aan duidelijkheid.

Kostte de bestudeering der ordonnantie van 1900 zooals gezegd veel hoofdbrekens aan hen, die geroepen waren haar te handteeren, voor de Inlandsche ambtenaren in het bijzonder, waren natuurlijk de moeielijkheden daarbij nog veel grooter.

Slechts aan enkele bijzonder ontwikkelden onder hen, gediplomeerden der H. B. S., was het gegeven de ordonnantie ten volle te kunnen approfondeeren. Wetten lezen en begrijpen is nu eenmaal niet ieders werk.

Verbetering zal mettertijd zeker hierin komen, maar niet zoo spoedig als men zich dat wellicht voorstelt.

In verband met de op handen zijnde z. g. ontvoogding van het Inlandsen Bestuur, behoort men hiermede ter dege rekening te houden. Onder "de overdracht van bevoegdheden van het

Sluiten