Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De heer de Graaff zegt verder:

„Grooter bespotting van het begrip eener op vrije wilsuiting „van partijen gegronde overeenkomst en zonderlinger schijnver„tooning dan die van het verlijden van dergelijke akten zouden „moeielijk denkbaar zijn !"

In de eerste plaats wil ik hierop antwoorden, dat in het door mij voorgestelde practische eenvoudige en voor den kleinen man volkomen begrijpelijke stelsel, de zoo hoog geroemde akte van den heer de Graaff,—parodie en imitatie van een notarieele akte, alleen passend in een stelsel van schijngeleerdheid, in een stelsel van verblinding van den kleinen man door Westersche wetsbegrijppen, een akte die alleen dienstig is geweest voor papierverknoeierij op gtooten schaal, alleen dienstig is geweest voor officieele dikdoenerij—geheel overbodig wordt en men het in het door mij voorgestelde stelsel wel af kan met zeer eenvoudige door het distriktsbestuur ontworpen registers, zoo gewenscht te beschouwen als schriftelijke overeenkomst, c. q. als contract.

Het woord „schijnvertooning", hier geuit door den heer de Graaff ; het is wel zonderling! Juist de mooie akte van den heer de Graaff, is de reinste „schijnvertooning" geweest en is die nog, die er ooit bestaan heeft, hierover zijn zeker alle ambtenaren van het B. B. het roerend met mij eens. Het begrip „Contract" is mooi! Notarieel contract, Westersch gedacht, nog veel mooier; de vorm en inkleeding van een grondhuurcontract als notarieel contract is als zoodanig volmaakt, mits beide contracteerende partijen het contract over en weer ook als wapen kunnen handteeren. De grondhuurovereenkomsten worden beheerscht door de bepalingen van het Burgelijk Wetboek (art. 2 nieuwe ordonnantie). Wat heeft nu de kleine man, de onontwikkelde „Orang tani" aan een dergelijk voorschrift? Heeft hij een advocaat tot zijn beschikking, die zijn zaken voor hem regelt, of om hem van advies te dienen? Het is alles waarlijk zeer naïef gedacht, zeergeleerd en kunstig in elkaar gezet, maar voor den Inlander van nul en geenerlei waarde!

Een der essentieele eischen voor de geldigheid van een notarieel contract is bijv: dat het door partijen wordt onderteekend, onmiddelijk na voorlezing, tenzij partijen verklaren hun

Sluiten