Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

huur van „sawahgrond" betreft, ongunstiger geworden, in verband waarmede de bestaande bedrijfszekerheid der fabrieken volstrekt niet dezelfde is gebleven, maar wel minder is geworden.

Dat de „v e r k r ij g b a r e" bedrijfszekerheid grooter is geworden, zal niet anders dan beaamd moeten worden, in verband met het feit, dat volgens de nieuwe ordonnantie sawahgronden ingehuurd zullen kunnen worden voor een termijn van 2IV2 jaar, (alinea 2 art. 4). In dat geval moet volgens alinea 1 sub a van art. 8:

„De gehuurde grond, indien de huurtermijn meer dan 6 jaar „bedraagt, met uitzondering van de eerste 6 jaar van den „huurtermijn, telkens na verloop van ten hoogste twee jaren „gedurende minstens één Westmoesson, ter beschikking van den „verhuurder worden gesteld."

Laatstgenoemde bepaling bevat zeker veel goeds, de Regeering heeft wel eenigszins gevoeld, wat het gemis van grond voor den tani beteekend, maar n. b. m. heeft z ij het n o g n i e t voldoende gevoeld.

Op bladz. 410 van mijn artikel „Theorie en practijk" van 1900 betoogde ik in stelling 11 de wenschelijkheid van geen meerdere verhuur dan van '/a van ieders aandeel, voor geen langeren duur dan van 1 oogstjaar. De „tani" zal op die wijze nimmer zonder grond blijven ! Iedere andere verhuur is uit den booze! Iedere andere verhuur moet voor den „tani" voeren tot economischen achteruitgang.

Waarlijk, de logica van de Regeeringsadviseurs gaat boven mijne bevatting. Men begint met een scherpe veroordeeling van het „voorschottenstelsel", schrijft daaraan toe, te lage grondhuurprijzen, toeneming van moeilijkheden, verwikkelingen en wrijving met de bevolking, vermeent daarna het „voorschottenstelsel" te hebben afgeschaft, maar behoudt het en opent daarbij nog bovendien de mogelijkheid voor inhuur van alle soort sawahgronden — zelfs van ambtsvelden, tot 21% jaar.

Zo®als gezegd bevat de bepaling van alinea 1 sub a van art. 8 voor deze laatste huurcontracten wel iets goeds, maar zal zij in de practijk slechts aanleiding geven tot ingewikkelde grondver-

Sluiten