Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tersche landen openbaart, drijft hem daartoe niet, kan voor hem noch stimulans, noch oorzaak daartoe zijn. (Zie ook bladz. 22 e.v.)

De oorzaak is hier opgekropte ontevredenheid ; geen enkel ontevreden mensch zal ten slotte in harmonie met zich zeif, noch in harmonie met zijn meerderen kunnen leven. Waarin die ontevredenheid, voor zooveel de grondverhuur betreft, bestaat, heb ik uitvoerig aangetoond.

De ontevredenheid dient dus in de eerste plaats te worden weggenomen, het is Regeeringsplicht — waar harmonie is, daar is vrede; waar vrede is, is vreugde en rust.

De wijze, waarop die ontevredenheid moet worden weggenomen is Regeeringstaak, de Regeering is hierbij voor haar daden slechts verantwoording verschuldigd aan haar zelf en aan de Volksvertegenwoordiging, niet aan de bureaucratie.

Tot de Regeering zeg ik: „Stap over uw doctrinaal bezwaar heen en gij behoudt de zorg voor uw pupil in eigen handen, thans levert gij als Voogd uw pupil in goed vertrouwen over in handen van niet altijd betrouwbare desahoofden en desabestuurders, helaas niet altijd plichtgetrouwe, maar dikwijls plichtverzakende ambtenaren, veelal nog te veel eenzijdig gevoelende administrateurs van ondernemingen, helaas veelal gewetenlooze Chineezen en andere vreemde Oosterlingen, alsmede in handen van niet altijd oprechte z.g. volksleiders. Stap over dat bezwaar heen, de bevolking zal er U ten slotte dankbaar voor zijn, de groot-industrie, berustende op overeenkomsten van grondhuur met die bevolking, niet minder".

In de spreuken van Salomo wordt gezegd:

„Een koning die den armen in trouwe recht doet, diens troon „zal in eeuwigheid bevestigd worden. De rechtvaardige neemt „kennis van de rechtzaak der armen, maar de goddelooze begrijpt „de wetenschap niet. Als de goddeloozen velen worden, wordt de „overtreding veel, maar de rechtvaardigen zullen hun val aanzien".

Ik ben zoo vrij hier te verklaren, dat zij, die zonder dat hun wetenschap gesteund kan worden op eigen aanschouwing, zonder dat deze in dit verband, gebaseerd kan zijn op eigen grondige kennis van bestaande zaken en toestanden, zich niet

Sluiten