Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vereenigingen en veeleischende scheepsofficieren, mag Japan er op rekenen, een der groote zeevarende mogendheden te worden der wereld.

Ten eenenmale hebben zich de wederzijdsche verhoudingen gewijzigd. Voor nog niet vele jaren berustte de handel der westerlingen met Japan in hoofdzaak op hun invoeren aldaar van fabriekmatige goederen en een halve eeuw geleden bood de Japansche regeering aan de Nederlandsche Handel-Maatschappij het monopolie aan voor den uitvoer van rijst. Thans komt Japan aan rijst te kort en levert het fabriekswaren aan de koloniën van zijn vroegere leveranciers, eerlang aan dezen zclven. Wat de blanke hem gisteren bracht, dat maakt de Japanner morgen zelf en goedkooper.

Niet langer kan dus het zwaartepunt onzer economische betrekkingen met hem gezocht worden in uitvoer onzer eigen nijverheid naar zijn land en oprichting van handelshuizen aldaar met dit vooropstaand doel; en al ontbreekt het gelukkig niet aan gezonde Nederlandsche ondernemingen in Japan, de geschiedenis onzer handelskantoren in Japan, nadat dit was opengegaan en ons monopolie vervallen, vertoont een reeks van mislukkingen. Zooveel mogelijk tracht de overheid anderen te weren van de plaats, die de onderzaat zelf in het land kan bekleeden. Nog vermag de Europeaan geen grondeigendom in Japan te verwerven. Nijverheid en landbouw zijn voor hem gesloten, mijnbouw mag hij er evenmin uitoefenen. En terwijl onlangs de kustvaart in Nederlandsch-Indië voor alle vlaggen is opengesteld, dus ook voor de Japansche, heeft onze regeering weder verzuimd om wederkeerigheid te bedingen.

Voortaan zal het zwaartepunt liggen in ons Indië en het verkeer daarmede. Daar vindt de Japanner de vrije baan, die wij bij hem missen. Nu hij een groot fabrikant is geworden, zal hij door den korten afstand, de lage loonen en zijn noesten arbeidszin de plaats, die de oorlog door de afsluiting van ons verkeer met Indië hem aldaar onder de invoerders schonk, handhaven en zelfs uitbreiden. Daartegenover drijft de groote vermeerdering van welvaart, die de oorlog hem gebracht heeft, hem naar de

Sluiten